ABP-premies en indexatie 2012

 
Pensioenindexatie 2012 burgerambtenaren en militairen
ABP indexeert de pensioenen van (gewezen) deelnemers en gepensioneerden in 2012 niet. Dat betekent dat de pensioenen niet meegroeien met de gemiddelde loonontwikkeling in de sectoren overheid en onderwijs. ABP heeft nog steeds een dekkingstekort met een dekkingsgraad van 94% eind oktober 2011. Dat komt vooral door de lage rente, waarmee ABP de betalingsverplichtingen moet waarderen. De beleggingen blijven, ondanks het zware weer op de financiële markten, redelijk op peil. Omdat de financiële positie niet voldoende is, kan ABP de pensioenen niet indexeren. De loonontwikkeling in de sectoren overheid en onderwijs bedroeg gemiddeld 0,25% in 2011. De totale achterstand in loonindexatie komt daarmee in 2012 (2009-2012) uit op ruim 8%.
 
Pensioenpremie 2012 burgerambtenaren
De totale premie stijgt licht. De kostendekkende premie en de tijdelijke herstelopslag van 1% blijven vooralsnog zoals ze nu zijn. De premie voor ouderdoms- en nabestaandenpensioen bedraagt per 1 januari 2012 21,9% (inclusief 1% herstelopslag). 70% van deze premie betaalt de werkgever, 30% is voor rekening van de werknemer. De premie voor de compensatie van de Algemene Nabestaanden Wet stijgt van 0,2% naar 0,3%. De werkgever betaalt 0,075%, de werknemer betaalt 0,225%. En de totaalpremie die in 2006 is ingesteld voor de deelnemers geboren vóór en ná 1949, (de VPL-premie: VUT/FPU/inkoop oude dienstjaren) stijgt ook met 0,2% van 3,7% naar 3,9%. Daarvan betaalt de werkgever 1,55% en de werknemer 2,35%. In totaal dus een premiestijging met 0,3% naar 26,1%.
 
Pensioenpremie 2012 militairen
De militaire pensioenpremie stijgt ook. Ten eerste vanwege de begrote backservice van het ouderdomspensioen over 2011, omdat de kapitaalgedekte periode weer een jaar langer wordt. De premie stijgt daardoor met 0,3%. Hier is de premieverdeling werkgever 70% en werknemer 30%.
Ten tweede omdat de achteraf nagerekende werkelijke backservice over 2010 groter blijkt te zijn dan vooraf begroot. Binnen de sector Defensie bestaat de afspraak dat de kosten voor de achteraf inkoop van de backservice van de militaire eindloonregeling wordt betaald door de militair. De premie stijgt daardoor met 0,5%. In totaal stijgt de premie dus met 0,8%; van 23,5% in 2011 naar 24,3% in 2012.
 
Begin 2012 besluit over aanvullende maatregelen
Volgens het herstelplan zou de dekkingsgraad van ABP bij het begin van 2014 minstens 104,5% moeten zijn. Begin 2012 beoordeelt het bestuur of de financiële positie van ABP zich volgens het herstelplan ontwikkelt. Peildatum daarvoor is 31 december 2011. Als de dekkingsgraad in december niet verbeterd is, zal het bestuur maatregelen moeten treffen. ABP zal dan de tijdelijke herstelopslag verhogen van 1% naar 3% in 2012. Als de situatie dus niet ten goede verandert, komt er vanaf 1 januari 2012 nog een verdere premieverhoging van 2% aan, waarvan 30% voor rekening deelnemer (burgerambtenaar én militair) komt en 70% voor rekening Defensie. Tegelijkertijd zal het bestuur besluiten of en zo ja welke aanvullende maatregelen nodig zijn. Daarbij kan het bijvoorbeeld gaan om het verder verhogen van de premie, het verlagen van de uitkeringen aan gepensioneerden en de pensioenaanspraken van actieve (gewezen) deelnemers. Mocht het ABP-bestuur tot een verlaging moeten besluiten, dan wordt deze maatregel in beginsel in april 2013 uitgevoerd.
 
Op de ABP-site vindt u meer informatie over premie en indexatie.
ABP-premies en indexatie 2012
 
Pensioenindexatie 2012 burgerambtenaren en militairen
ABP indexeert de pensioenen van (gewezen) deelnemers en gepensioneerden in 2012 niet. Dat betekent dat de pensioenen niet meegroeien met de gemiddelde loonontwikkeling in de sectoren overheid en onderwijs. ABP heeft nog steeds een dekkingstekort met een dekkingsgraad van 94% eind oktober 2011. Dat komt vooral door de lage rente, waarmee ABP de betalingsverplichtingen moet waarderen. De beleggingen blijven, ondanks het zware weer op de financiële markten, redelijk op peil. Omdat de financiële positie niet voldoende is, kan ABP de pensioenen niet indexeren. De loonontwikkeling in de sectoren overheid en onderwijs bedroeg gemiddeld 0,25% in 2011. De totale achterstand in loonindexatie komt daarmee in 2012 (2009-2012) uit op ruim 8%.
 
Pensioenpremie 2012 burgerambtenaren
De totale premie stijgt licht. De kostendekkende premie en de tijdelijke herstelopslag van 1% blijven vooralsnog zoals ze nu zijn. De premie voor ouderdoms- en nabestaandenpensioen bedraagt per 1 januari 2012 21,9% (inclusief 1% herstelopslag). 70% van deze premie betaalt de werkgever, 30% is voor rekening van de werknemer. De premie voor de compensatie van de Algemene Nabestaanden Wet stijgt van 0,2% naar 0,3%. De werkgever betaalt 0,075%, de werknemer betaalt 0,225%. En de totaalpremie die in 2006 is ingesteld voor de deelnemers geboren vóór en ná 1949, (de VPL-premie: VUT/FPU/inkoop oude dienstjaren) stijgt ook met 0,2% van 3,7% naar 3,9%. Daarvan betaalt de werkgever 1,55% en de werknemer 2,35%. In totaal dus een premiestijging met 0,3% naar 26,1%.
 
Pensioenpremie 2012 militairen
De militaire pensioenpremie stijgt ook. Ten eerste vanwege de begrote backservice van het ouderdomspensioen over 2011, omdat de kapitaalgedekte periode weer een jaar langer wordt. De premie stijgt daardoor met 0,3%. Hier is de premieverdeling werkgever 70% en werknemer 30%.
Ten tweede omdat de achteraf nagerekende werkelijke backservice over 2010 groter blijkt te zijn dan vooraf begroot. Binnen de sector Defensie bestaat de afspraak dat de kosten voor de achteraf inkoop van de backservice van de militaire eindloonregeling wordt betaald door de militair. De premie stijgt daardoor met 0,5%. In totaal stijgt de premie dus met 0,8%; van 23,5% in 2011 naar 24,3% in 2012.
 
Begin 2012 besluit over aanvullende maatregelen
Volgens het herstelplan zou de dekkingsgraad van ABP bij het begin van 2014 minstens 104,5% moeten zijn. Begin 2012 beoordeelt het bestuur of de financiële positie van ABP zich volgens het herstelplan ontwikkelt. Peildatum daarvoor is 31 december 2011. Als de dekkingsgraad in december niet verbeterd is, zal het bestuur maatregelen moeten treffen. ABP zal dan de tijdelijke herstelopslag verhogen van 1% naar 3% in 2012. Als de situatie dus niet ten goede verandert, komt er vanaf 1 januari 2012 nog een verdere premieverhoging van 2% aan, waarvan 30% voor rekening deelnemer (burgerambtenaar én militair) komt en 70% voor rekening Defensie. Tegelijkertijd zal het bestuur besluiten of en zo ja welke aanvullende maatregelen nodig zijn. Daarbij kan het bijvoorbeeld gaan om het verder verhogen van de premie, het verlagen van de uitkeringen aan gepensioneerden en de pensioenaanspraken van actieve (gewezen) deelnemers. Mocht het ABP-bestuur tot een verlaging moeten besluiten, dan wordt deze maatregel in beginsel in april 2013 uitgevoerd.
 
Op de ABP-site vindt u meer informatie over premie en indexatie.