Arbeidsvoorwaardenoverleg: Defensie weigert open en reëel overleg te voeren.

10 maart 2010

Wat bij de start van het arbeidsvoorwaardenoverleg op 11 februari door de Staatssecretaris nog enigszins verhuld werd gebracht is bij de voortzetting van het arbeidsvoorwaardenoverleg luid en duidelijk uitgesproken: Defensie wenst geen eurocent te besteden aan enige verbetering van de arbeidsvoorwaarden voor het loyale defensiepersoneel. Defensie wenst zelfs niet te praten over de door de Sociale Partners in het Sociaal Akkoord afgesproken inflatiecorrectie.

Ook heeft de Staatssecretaris aangegeven de ophoging van de UKW-leeftijd niet van de overlegagenda te willen halen. De Centrales zijn van mening dat door het controversieel verklaren van de ophoging van de AOW-leeftijd door de Tweede Kamer, het uitermate prematuur is over dit onderwerp te spreken. De Staatssecretaris wil echter de koppeling van de ophoging van de UKW-leeftijd aan de ophoging van de AOW-leeftijd handhaven, terwijl het nog volledig onduidelijk is welke kant de discussie in de Tweede Kamer rond de AOW inclusief de zware beroepen opgaat.

Als gevolg van de geschetste keiharde financiële kaders zijn de voorgestelde gespreksonderwerpen zoals gedaan in de inzetbrief van Defensie, met uitzondering van de loonparagraaf en de ophoging van de UKW-leeftijd, verworden tot discussies over een aanpassing van de bestaande regelgeving. Aanpassing van regelgeving binnen het bestaande budget wordt normaliter besproken in de SOD-werkgroepen Algemeen Personeelsbeleid en Algemeen Financiële Rechtspositie. De Centrales deden dan ook de handreiking deze gespreksonderwerpen uit het arbeidsvoorwaardenoverleg te halen en verkennende gesprekken hierover te voeren in de werkgroepen AFR en AP. Hoewel hiermee de druk op het arbeidsvoorwaardenoverleg wordt verlaagd, wees Defensie dit resoluut van de hand.

De Samenwerkende Centrales kunnen op basis van deze opstelling van de Staatssecretaris van Defensie dan ook niet anders concluderen dan dat er geen wil is om te komen tot open en reëel overleg.

Met deze constatering zijn de partijen opnieuw uit elkaar gegaan. Een situatie die de FVNO/MHB ten zeerste betreurt.