Home
Nieuws
Over de GOV|MHB
Arbeidsvoorwaardenakkoord & SBK
Bezuinigingen bij Defensie
Georganiseerd Overleg
Georganiseerd Overleg Defensie
Sectie Georganiseerd Overleg
De GOV|MHB vertegenwoordigers
De Overlegfora
Overleg agenda van het Georganiseerd Overleg voor 2012
Overleg agenda van het Georganiseerd Overleg voor 2013
Uit het Georganiseerd Overleg
Dossiers
Medezeggenschap
Reorganisaties
ProDef BULLETIN
OPINIE
Evenementen
Ledenvoordeel
Archief: FVNO|MHB
Links
Georganiseerd Overleg Defensie
Tot 1993 werden de arbeidsvoorwaarden voor alle rijksambtenaren in één overlegforum vastgesteld: de Centrale Commissie voor Georganiseerd Overleg in Ambtenarenzaken (CCGOiA). Specifiek voor militairen werden daarnaast aanvullende afspraken gemaakt in een separaat overlegforum: het Centraal Georganiseerd Overleg Militairen (CGOM). Hier sprak de werkgever Defensie met 10 belangenverenigingen van militair personeel, zoals de KVMO, de NOV, de KVNRO, de MarVer, de AFMP, de VBZ, de LKV, de VVDM, de AVNM en de KVEO.
In 1993 besloot de toenmalige minister van Binnenlandse Zaken, mevr. Ien Dales, om het overleg op te splitsen in sectoren, gerelateerd aan de verschillende ministeries/werkgevers. Hiermee werden de verschillende ministers de werkgever van het personeel binnen het eigen ministerie. Voor defensie werd dit het Sector Overleg Defensie, binnen defensie ook wel het ‘Georganiseerd Overleg’ genoemd. Tegelijkertijd werden de belangenverenigingen/vakbonden niet meer toegelaten aan de overlegtafel, maar (één niveau hoger) de centrales van overheidspersoneel. Dit betekende dat de KVMO, de NOV en de KVNRO zich als ‘CMHF’ in het overleg begaven, maar nog wel vertegenwoordigt door de ‘oude’ onderhandelaars uit de verschillende verenigingen.
Het zijn dus niet de individuele vakbonden die aan tafel zitten met de werkgever Defensie, maar de vier Centrales van Overheidspersoneel: CMHF (GOV|MHB, KVMO, KVNRO & NOV), ACOP (AFMP/FNV & MarVer, Abva/Kabo), CCOOP (ACOM, CNV Publieke zaak) en AC (VBM, BBTV).
Alleen die vakbonden die aangesloten zijn bij een van de genoemde vier Centrales kunnen hun invloed uitoefenen aan de overlegtafel.
Het is ook op het niveau van de Centrales dat er wordt meegesproken over de pensioenen.
Drie van de vier Centrales zijn daarnaast verbonden aan een landelijke Vakcentrale, waardoor de onderliggende vakbonden hun invloed eveneens kunnen uitoefenen in de Stichting van de Arbeid (STAR) en de Sociaal Economische Raad (SER), belangrijke adviesorganen van de Nederlandse Regering.
In figuur 1. is dit schematisch weergegeven.
Het Georganiseerd Overleg is opgedeeld in drie niveaus.
Het hoogste niveau is het Sector Overleg Defensie (SOD). Hier wordt gesproken over wijzigingen van Algemene Maatregelen van Bestuur, zoals het AMAR en het BARD.
Het SOD is tevens het escalatieniveau indien Defensie en de Centrales op het onderliggende niveau geen overeenstemming kunnen vinden.
Het niveau onder het SOD is onderverdeeld in verschillende werkgroepen, per deelonderwerp: de Werkgroep Algemeen Personeelsbeleid (WG AP); de Werkgroep Algemeen Personeelsbeleid-Defensie Onderdelen (WG APDO); de Werkgroep Algemene & Financiële Rechtspositie (WG AFR); de Werkgroep Post Actieven (WG PA) en de Werkgroep Reorganisaties WG REO). Gemiddeld komen het SOD en de verschillende werkgroepen een maal per maand bijeen.
Onder de Werkgroep Reorganisaties bevindt zich het derde niveau. Dit betreft informele overlegfora per defensieonderdeel, alsmede een informeel overleg voor reorganisatie defensieonderdeel overschrijdend.
Afhankelijk van de hoeveelheid reorganisaties komen deze informele overlegfora een of twee maal in de maand bijeen.
Tijdens het arbeidsvoorwaardenoverleg wordt er (tijdelijk) een aparte werkgroep naast het SOD ingesteld, de werkgroep Arbeidsvoorwaarden. Duo-voorzitter van de GOV|MHB, KLTZA Hunnego schuift, wanneer het spannend wordt en wanneer het akkoord wordt gesloten, ook aan, als gezicht van de koepel.