Brandbrief officieren aan minister van Defensie

Op deze derde dinsdag van september hebben officieren der Krijgsmacht een brandbrief

opgesteld die aan de minister van Defensie zal worden aangeboden.

De officieren maken zich namelijk grote zorgen over de toekomst van onze krijgsmacht.

Niet alleen vanwege deze beleidsarme en teleurstellende defensiebegroting 2019 maar ook

vanwege het voorliggende arbeidsvoorwaardenresultaat bij Defensie.

 

 

 

 

 


Lees hier de brandbrief:


Aan:
Drs. A.T.B. Bijleveld-Schouten
Drs. B. Visser

In afschrift aan:
Commandant der Strijdkrachten
LTADM R.P. Bauer

Hoofddirecteur Personeel
SBN P.F.M. Reesink


Den Haag, 18 september 2018


Excellentie,

Wij, officieren der Krijgsmacht, maken ons zorgen over de toekomst van onze krijgsmacht. Het
wantrouwen in onze organisatie begint alarmerend te worden. De verzuring na 30 jaar bezuinigen
eist haar tol. Wij vrezen dat de onvrede over het voorliggende arbeidsvoorwaardenresultaat voor
veel jonge officieren de spreekwoordelijke druppel zal zijn die hen doet besluiten Defensie te
verlaten. De ‘braindrain’, die al jaren plaatsvindt omdat het irreguliere verloop te hoog is, wordt
met dit resultaat derhalve niet tot een halt geroepen maar juist aangewakkerd.
Om u te doordringen van de bezorgdheid ,boosheid en onvrede binnen uw officierenbestand
bieden wij u deze (brand)brief aan. Door de specifieke rang en bezoldigingssytematiek van
Defensie dreigen (veelal) loopbaanvolgende officieren in de rang van KAP/LTZ2OC tot LKOL/KLTZ
er als gevolg van de overgang van een eindloonstelsel naar een middelloonstelsel tot € 14.000,-
op jaarbasis in pensioen op achteruit te gaan. Dat leidt in gevallen tot een financiële
achteruitgang van 20-25% zonder dat duidelijkheid bestaat over de (eufemistisch gesteld)
‘verzachtende’ compenserende maatregelen en de gestelde aanpassing van het loongebouw. Er is
onder uw officierenbestand geen vertrouwen meer dat toekomstige onderhandelingen over
compenserende maatregelen en hervorming van het loongebouw tot een acceptabel resultaat
zullen leiden.

Wij roepen u dan ook met klem op terug te keren naar de onderhandelingstafel en tot een
duidelijk en integraal financieel perspectief te komen, waarbij ook de verdere compensatie en
aanpassing van het loongebouw inzichtelijk worden. Gebeurt dit niet dan zullen velen van ons de
toekomstige onderhandelingen over compensatie en aanpassing van het loongebouw niet
afwachten. Een ongekend grote uitstroom van dit deel van uw officierenbestand wordt in dat
geval voorzien. Trouw blijven aan Defensie is door de departementsleiding nog nooit zo
onaantrekkelijk gemaakt.

In het najaar van 2017 hebben de centrales van overheidspersoneel en Defensie een
arbeidsvoorwaardenakkoord gesloten met een looptijd van 1 januari 2017 tot 1 oktober 2018.
Een van de uitkomsten van dit akkoord was dat de ontslagleeftijd voor de militair gelijk werd aan
de voor de militair geldende AOW-leeftijd min 5 jaar, waarbij de pensioenleeftijd gelijk werd
gesteld aan de AOW-leeftijd. Dit was acceptabel omdat iedereen in Nederland langer moet
doorwerken en dit voor militairen ook in een hoger pensioen zou resulteren.

In het voorjaar van 2018 heeft de Minister de Defensienota 2018 vastgesteld. In haar voorwoord
staat onder meer.
‘Een nota die naar onze vaste overtuiging, een startpunt is van het versterken van het vertrouwen
in Defensie. Vertrouwen bij onze mensen, vertrouwen in onze organisatie, maar ook vertrouwen
van de samenleving in Defensie. (..) Wij hebben gesproken met mensen van laag tot hoog en van
binnen en buiten onze organisatie. Die gesprekken zetten we voort. Juist onze mensen zijn de
kracht van Defensie! (..) We willen transparant en betrouwbaar zijn in wat we doen en wat we
bereiken. We willen een aantrekkelijke en betrouwbare werkgever zijn.'

Recentelijk zijn Defensie en de centrales van overheidspersoneel tot een
onderhandelingsresultaat arbeidsvoorwaarden 2018-2020 gekomen. Momenteel ligt dit
onderhandelingsresultaat voor aan de leden. De grootste ontwikkeling op het gebied van
arbeidsvoorwaarden is de overgang van de huidige eindloonregeling naar een middelloonregeling.
Het is daarbij goed om vast te stellen dat een groot deel van de militairen, met name de
manschappen, het merendeel van de onderofficieren alsook een gedeelte van de jonge officieren
in een verbeterde financiële positie komen te verkeren. Of deze verbetering, mede gezien onder
andere de voorspelde inflatie, voor hen afdoende is om in te stemmen met het resultaat moet
overigens nog worden bezien.

Er is echter één groep die op basis van de voorliggende overgang van een eindloonstelsel naar
een middelloonstelsel onevenredig hard wordt geraakt: de zittende (veelal) loopbaanvolgende
officieren in de rang van kapitein/LTZ2OC tot en met overste/KLTZ die nog jaren van hun
leeftijdsontslag verwijderd zijn. De GOV¦MHB heeft een zestal verschillende carrièrelijnen
onderscheiden met verschillende eindrangen, variërend van MAJ/LTZ1 tot en met KOL/KTZ. Deze
carrièrelijnen maken het pensioenperspectief inzichtelijk op basis van de te bereiken eindrang. De
carrièrelijnen tonen aan dat de genoemde groep officieren met een enorme teruggang in hun
pensioen te maken krijgt. Onder omstandigheden loopt dit bedrag zelfs op tot € 14.000 op
jaarbasis, rekening houdend met positieve premie-effecten. Over ‘verzachtende’ compenserende
maatregelen en aanpassing van het loongebouw dient nog verder onderhandeld te worden, maar
deze twee elementen vallen momenteel buiten de reikwijdte van het voorliggende
onderhandelingsresultaat. Feitelijk wordt hiermee gevraagd een ‘blanco cheque’ te tekenen;
‘neem uw verlies aan de voorkant, dan gaan we daarna wel kijken hoe dat wordt gecompenseerd’.
Er ligt nu dus een onderhandelingsresultaat voor dat langer werken (AOW-5) voor aanzienlijk
minder (pensioen)geld biedt.

De aangehaalde woorden van de Minister uit de Defensienota lijken alle waarde te hebben
verloren. Het vertrouwen in de Defensieleiding was, mede als gevolg van het handelen ten
aanzien van de WUL- en AOW-problematiek, al zeer laag. Het voorliggende onderhandelingsresultaat
heeft het laatste restje vertrouwen weggeslagen. Tegelijkertijd voelt
het als een diepe belediging voor deze groep officieren die in tijden van crisis en bezuinigingen
Defensie trouw is gebleven. Juist de groep die nu het hardst wordt geraakt speelt een kritieke rol
in het weer opbouwen van Defensie. Wij zijn immers uw huidige operationele leiders op zee, in
het veld en in de lucht. Wij moeten in ondersteunende en staffuncties ‘de kar trekken’. Wij
moeten Defensie in tijden van investeringen weer gaan opbouwen.
Onze groep stond al onder druk als gevolg van verhoogde werkdruk, vacatures, versoberde
arbeidsvoorwaarden, kwalitatieve en kwantitatieve materieel problematiek, een bureaucratische
en logge defensieorganisatie en tegelijkertijd de aanzuigende werking van de civiele
arbeidsmarkt. Wij zijn hoog opgeleid, hebben waardevolle ervaring opgedaan en zijn de voor
Defensie onmisbare leiders. Dit maakt ons ook zeer gewild op de civiele arbeidsmarkt. Wij klagen
zelden in het openbaar en zullen ons nauwelijks laten zien bij manifestaties; wij uiten onze
onvrede door ontslag te nemen. Dat dit onderhandelingsresultaat juist in tijden van grote
personele uitstroom wordt gepresenteerd is dan ook onbegrijpelijk.

Gelijktijdig voelen wij ons verbonden met Defensie en de taak waar Defensie voor staat. Deze
verbondenheid leidt echter nergens toe als de liefde niet van twee kanten komt. Uitsluitend de
wens om maatschappelijk relevant werk te doen bindt ons niet (langer). Wij eisen een
betrouwbare werkgever die bereid is te investeren in al haar personeel en grootmoedig genoeg is
om terug te keren naar de onderhandelingstafel; liever ten halve gekeerd dan ten hele gedwaald.
Er is hier toch sprake van een gezamenlijk belang?

Wij roepen u op ervoor zorg te dragen dat er een compleet, integraal
arbeidsvoorwaardenresultaat wordt voorgelegd zodat een weloverwogen keuze gemaakt kan
worden. Deze stappen kunnen leiden tot herstel van vertrouwen en goed werkgeverschap.
Wellicht blijken de woorden uit de Defensienota dan toch niet zo hol en kan een ongekend grote
uitstroom worden voorkomen.

Hoogachtend,


Ondersteunt u deze brief? Stuur dan een mail met daarin de tekst:

“Ik ondersteun de brandbrief arbeidsvoorwaardenresultaat 2018” met uw naam naar