De vereniging voor professionals bij Defensie
181004_mariniers_oefening.jpg
Volg het geld van specialisten naar ‘specialisten’
Wikipedia | Creative Commons 4.0

Op 18 maart 2025 publiceerde onderzoekswebsite Follow the Money (FTM) het artikel: ‘Vechten vanuit de vergaderzaal’[1] van defensiejournalist Dieuwertje Kuijpers. Het risico van het lezen van dit artikel is dat er al snel vanuit een reflex wordt vergoelijkt wat daar staat geschreven. We kunnen de argumenten al klaar leggen: ‘ja maar die mensen doen ook goed werk’, ‘hoe kan een journalist nu weten hoe het reilen en zeilen binnen zo’n departement gaat’, of ‘bij andere departementen gaat het ook zo’. Ons advies zou zijn om het artikel goed te lezen, het weg te leggen en er eens goed over na te denken. Het voornaamste punt dat FTM adresseert is dat we in een situatie zijn beland waarbij we gerust kunnen spreken over: ‘only chiefs, no workers’. Dit aspect is iets waar wij als GOV/MHB ons erg veel zorgen over maken. 

Het motto in Den Haag is gericht op ‘groei, groei, groei’. Een motto waar wij ons volledig achter scharen. Na jaren kaalslag op Defensie is nu eindelijk de ruimte om te repareren en versterken. Toch voelt het alsof de Bestuursstaf sneller en harder groeit dan de krijgsmacht. En we zien zelfs regelmatig de praktische problemen die hier mee gemoeid zijn, zoals bijvoorbeeld het gebrek aan werkplekken op het Plein-Kalvermarktcomplex (PKC). Los van het handdoekje leggen op een bureaustoel op het PKC is voor ons veel fundamenteler dat wij niet overtuigd zijn dat het verder volpompen van een waterhoofd leidt tot een slagvaardigere organisatie. In deze reactie lichten wij dat nader toe. Wij doen dat door eerst met wat feiten en cijfers te komen om een en ander in perspectief te zetten. 

Na de reorganisatie van 2014 bestond Defensie uit zo’n 52.000 VTE’en, wat daarna weer stijgt naar een organisatie van 74.000 VTE’en. De verhouding in groei tussen de verschillende defensieonderdelen ontloopt elkaar niet bijster veel. Wat hier wel enorm uitspringt is de omvang van de Bestuursstaf. Deze is in 2015 nog 2,9% van de Defensieorganisatie, maar is in 2024 liefst 5,4%. Een groot deel van die groei is te verklaren door het Defensie Cyber Commando, Special Operations Command en inlichtingenfuncties. Een deel kan verklaard worden door aspecten die ook in het artikel van FTM aan de orde komen in de hoedanigheid van specialisten op het gebied van veiligheid en milieu. Maar daar houdt het helaas niet op. De Directie Beleid was in 2009 namelijk nog maar 40 VTE’en groot en is inmiddels in 2024 toegenomen naar 450 VTE’en. Een verveelvoudiging. Daar kunnen gevechtseenheden alleen maar van dromen. We kunnen gerust benoemen dat er een enorme groei is ontstaan in de besturing bij Defensie. Het is talloze militairen een doorn in het oog. Maar voor de hoge rangen en schalen verkiest het personeel uiteindelijk toch de Haagse burelen. Zo zijn de gevechtseenheden nog steeds leeg en klotsen de beleidsmedewerkers en -adviseurs over de plinten.

 

'Wij denken dat juist het probleem dat Follow the Money adresseert een heel goed voorbeeld is van de wijze waarop de organisatie bestuurd wordt en wat dus ook nog eens structureel mis gaat'

 

Voor ons een interessant gegeven, is dat eigenlijk al heel lang staat aangegeven dat ‘de wijze waarop de organisatie wordt bestuurd’ een belangrijke vertrekreden is voor medewerkers. In 2014 deelde deze reden de vierde plek als vertrekintentie.[2] Daarna volgen een paar jaren waarbij dit cijfer niet meer gepubliceerd staat in de Personeelsrapportage. In 2018 vinden vertrekredenen hun weg terug in genoemd rapport. Dit zijn niet langer intenties, maar daadwerkelijk redenen om de organisatie te verlaten. ‘De wijze waarop de organisatie wordt bestuurd’ staat dan niet langer op plek vier, maar inmiddels op plek twee. In 2019 stijgt deze door naar de eerste plek, om sindsdien onafgebroken bovenaan te staan. Wanneer je dan kijkt naar andere vertrekredenen, dan zijn dat over het algemeen relatief concrete redenen zoals woon-werk, arbeidsvoorwaarden of werkdruk. Andere onderwerpen zoals loopbaanmogelijkheden en functietoewijzing zijn weliswaar minder tastbaar, maar krijgen wel de aandacht die het verdienen. Alleen de belangrijkste vertrekreden wordt toch snel afgedaan als te abstract. Wij denken dat juist het probleem dat FTM adresseert een heel goed voorbeeld is van de wijze waarop de organisatie bestuurd wordt en wat dus ook nog eens structureel mis gaat. Sterker nog, met de groei van nu zal het probleem eerder toe- dan afnemen.

1440px Ministerie van Defensie Kalvermarkt 32 Den Haag 2019 01(foto: Wikepedia | Creative Commons 3.0)

In de Bestuurskunde is de wet van Parkinson bekend. Daarin staat beschreven dat overheden bijna wetmatig elk jaar 5 tot 7% in omvang groeien, met name op de stafafdelingen. Ongeacht of het werk of de werklast toeneemt. Het geeft ook verklaringen daarvoor. Eén daarvan is dat managers of ambtenaren de neiging hebben voor elkaar werk te scheppen. Er is geen ambtenaar die deze wetmatigheid niet herkent, zeker niet op het niveau van beleidsmaker. Een andere is onduidelijke stafstructuren en verantwoordelijkheden, bijvoorbeeld een ongelukkige scheiding van beleid en uitvoering waardoor extra veel overleg nodig is.

 

'Al tien jaar lang zijn we getuige van vooral groei bij de Bestuursstaf, die in ieder geval in de beleving van de defensiemedewerkers niet heeft geleid tot een beter bestuurde organisatie'

 

Defensie zit midden in een enorme transitie van herstel en groei. Dat vraagt om het invullen van allerlei belangrijke randvoorwaarden, zoals vastgoed, instroommodellen, aaneengesloten opleidingstreinen, oefenruimte, et cetera. In onze analyse is de allerbelangrijkste randvoorwaarde deze transitie te realiseren het behoud van mensen, en op de middellange en lange termijn vooral die van uitvoerders. Zij zijn diegene met kennis en ervaring, die nodig is om transitie te realiseren en in de toekomst moeten resulteren in de gewenste militaire afschrikking. Dat betekent voor ons dat een vertrekreden als: ‘de wijze waarop de organisatie bestuurd wordt’ serieus moet worden genomen. Al tien jaar lang zijn we getuige van vooral groei bij de Bestuursstaf, die in ieder geval in de beleving van de defensiemedewerkers niet heeft geleid tot een beter bestuurde organisatie. Dat is wat ons een betreft een zorgwekkende conclusie en iets waar we morgen wat aan moeten doen. Wij durven alvast de voorspelling aan dat de groei van de staven, vooral met de makkelijk te vinden algemeen opgeleide academici, sneller zal gaan dan vulling van de gevechtseenheden met echte specialisten die, als puntje bij paaltje komt, echt het verschil maken.  

Noten

[1] Vechten vanuit de vergaderzaal: het Nederlandse leger telt meer managers dan militairen - Follow the Money - Platform voor onderzoeksjournalistiek

[2] Personeelsrapportage Defensie 2014

Verenigingen

logo KVMO DIAP

KVNRO

nov

logo MHB staand

Contact

Koninginnegracht 19
2514 AB Den Haag

070 - 383 95 04