Nr. 5 | Augustus 2015

Achtergrondartikelen | Augustus 2015


Hieronder vindt u de verwijzingen naar de achtergrondartikelen bij het ProDef BULLETIN nr. 5 | Augustus 2015.

 

Pag. 3. Redactioneel
- Bovensectoraal akkoord over loonsverhoging voor o.a. defensiepersoneel

 

Pag. 4. Redactioneel
- Loonsverhoging ambtenaren gefinancierd uit de pensioenen?

 

Pag. 6 Arbeidsvoorwaarden
- Overeenstemming over (voorlopige) voorziening AOW-gat defensiepersoneel

 

Pag. 7 Georganiseerd Overleg
- Toelage Buitenland aangepast

 

Pag. 9. Medezeggenschap
- Medezeggenschapsverkiezingen

 

Pag. 11. Georganiseerd Overleg
- Nabestaandenpensioen militairen hoger

 

Pag. 16. Verenigingen GOV|MHB
- KVMO
- KVNRO
- NOV

 

 

 

Column Duovoorzitter | Augustus 2015


(Vanwege het verlof van duovoorzitter J.L.R.M. Vermeulen ditmaal een column van Jhr J.H. de Jonge)

genmaj bd jhr jh de jonge

 

 

Het Defensie Plofkip gevoel

 

De verwachtingen waren hoog gespannen en de adem werd ingehouden.
Immers, in juni zou het dan toch eindelijk echt gaan gebeuren: hét antwoord van het Kabinet op de gestelde vragen in de motie- Van der Staaij.

 

In die, met ruime meerderheid aangenomen Tweede Kamermotie van ruim tien maanden geleden, werd de regering opgeroepen om nu eens eindelijk helder aan te geven wat het ambitieniveau van de krijgsmacht dient te zijn en welke middelen daarbij horen. Aanleiding destijds was de toezegging van de minister-president om te streven naar een budget voor Defensie gelijk aan twee procent van het BBP. Al op 7 november werd de Kamer gemeld: ‘We werken er aan‘. Dat kon ook zo snel, want het lijkt allemaal niet zo ingewikkeld. We hebben immers nog steeds het rapport Verkenningen van een tijdje geleden op de plank liggen. Velen staken de loftrompet over de helderheid van dat rapport.

 

Sinds die tijd hebben we vele indrukwekkende veiligheidsanalyses mogen lezen, van bekende instituten als AIV, Clingendael, HCSS, en die namen ons stap voor stap mee in de ontwikkelingen in deze complexe wereld. We staren dus niet in de mist, zou je zeggen. Enige onzekere factor is dan wellicht het budget wat je hieraan kunt besteden. Maar daar vroeg Van der Staaij niet om. Hij wil graag weten wat de regering denkt dat nodig is om de taken zoals die aan de krijgsmacht zijn gegeven goed te kunnen uitvoeren. Het debat hoe dat financieel te borgen komt dan als afgeleide daar van. In kleine hoogwaardige en sterk gecompartimenteerde werkgroepen op het ministerie werd met man en macht gewerkt, gepraat, afgewogen en geschreven aan de vele opties. Benodigde middelen werden vastgesteld en in volgorde van prioriteit ingedeeld, commandanten werden geraadpleegd. En jawel, al op 19 juni 2015, kwam het antwoord. In veel woorden meldden de ministers van Defensie en Buitenlandse Zaken dat er ‘spanningen en instabiliteit‘ zijn en een ‘verslechtering van de veiligheidssituatie aan de randen van Europa’. Buitengewoon ernstig allemaal, maar dat wisten we al.

 

Echter, onze minister lijkt er toch niet zo zeker van en gelukkig meldt zij op 3 juli 2015 aan de Kamer dat er nu eerst tijd wordt ingeruimd voor ‘dialoog op ambtelijk niveau met deskundigen en maatschappelijke geledingen in sessies zoals bij Clingendael en HCSS’, voor ‘de gedachtevorming over de richting waarin de krijgsmacht zich moet ontwikkelen’. Tegen Prinsjesdag krijgt de Kamer meer te weten.

 

En met een grote zucht krimpt het plofkip gevoel ineen. De verwachting is lek geprikt. En vlak voor het zomerreces krijgen de Opco’s te horen dat een aantal missies verlengd wordt, betaald wordt via ‘kasschuiven’ en dat de tekorten in de exploitatie van opleiding en training dit jaar zelf moeten worden opgelost. Grote oefeningen worden onmiddellijk geschrapt. NRC columnist Marc Chavannes schreef er op 9 juli jongstleden een indrukwekkend stuk over met de titel: “Defensie: missies op de pof en oorlog op een ouwe slof”. Hij eindigt met de budgettaire benadering: “Als nu volstrekt duidelijk is wat er aan investeringen en herstel van de krijgsmacht gedaan moet worden, durft dan de coalitie nog vijf miljard uit te geven aan belastingverlaging?” Onze minister weet exact wat de krijgsmacht nodig heeft, maar behoeft tijd en ruimte om de financiële armslag te bevechten. Daar heeft zij steun bij nodig. Daartoe krijgt zij onze steun.

 

Jhr J.H. de Jonge
Bestuurslid GOV|MHB, tevens vice-voorzitter NOV