De vereniging voor professionals bij Defensie
Achtergrond_Home.jpg
5. Cartoon nieuwjaarsbingo

Cartoons

Algemeen Arbeidsvoorwaardenoverleg

  • Actie op 15 september a.s.

    De bonden gaan op 15 september a.s. in Den Haag een actie houden. Deze actie zal het karakter hebben van een demonstratie. We hopen dat veel actief-dienende militairen en burgers die dag kunnen vrijmaken.

     

    De actie heeft tot doel aandacht te vragen voor de verbetering van de arbeidsvoorwaarden door een verhoging van de defensiebegroting. Binnenkort volgt meer informatie – ook over de wijze van aanmelden – over de actie op 15 september a.s. in Den Haag.

     

    Wilt u meedoen, hou dan de datum alvast vrij in uw agenda!

     

    Lees hier meer>>

  • Appreciatie onderhandelaarsresultaat arbeidsvoorwaarden Defensie

    Op 12 oktober 2017 hebben Defensie en de Centrales van Overheidspersoneel (centrales) een onderhandelaarsresultaat arbeidsvoorwaarden bereikt. Sinds 2013 was er geen arbeidsvoorwaardenakkoord en zo is er na ruim vierenhalf jaar eindelijk een onderhandelaarsresultaat. Maar voor dat we van een arbeidsvoorwaardenakkoord kunnen spreken zal dit resultaat eerst aan de respectievelijke achterbannen van de bij de centrales aangesloten vakbonden moeten worden voorgelegd. Ook de bij de GOV|MHB aangesloten bonden zullen de leden laten beslissen of dit resultaat tot een akkoord leidt.

     

    Zoals gezegd heeft het vele jaren geduurd tot dit resultaat is bereikt. De complexiteit en omvang van de verschillende onderwerpen, de personele uitdagingen en de diverse (financiële) problemen bij Defensie, zijn hier de belangrijkste oorzaken van. In de afgelopen periode is er veel gebeurd. Zo is er in 2015 een deelakkoord afgesloten die richting moest geven aan de verdere onderhandelingen door afspraken op de belangrijkste onderwerpen vast te leggen. Ook zijn de boven-sectorale afspraken uit het loonakkoord vertaald naar de sector Defensie. Ondanks deze stappen liepen de onderhandelingen begin van dit jaar vast waarop de centrales het overleg opschortte en het actietraject opstartte. Het absolute dieptepunt hierbij was het eindbod dat de minister in april van dit jaar deed. Na een periode van meerdere maanden waarin de gezamenlijke bonden de acties opvoerden besloot de minister op 12 oktober jl. met een verbeterd voorstel te komen. Na intensieve onderhandelingen konden Defensie en de centrales eindelijk aangeven dat er een onderhandelaarsresultaat was.

     

    Zoals al vaker is aangegeven is het onderhandelaarsresultaat een belangrijke stap na vele jaren onderhandelen. Maar dat betekent niet dat het resultaat alleen maar positieve elementen bevat. Het is een totaalpakket met ‘zoetjes en zuurtjes’ die poogt een balans te vinden in maatregelen voor burgermedewerkers en militairen, jong en oud en voor alle fases van de militaire loopbaan. Een aantal lastige onderwerpen betreft het langer doorwerken en de aanpassingen in het militaire pensioenstelsel. Hieronder zal een appreciatie worden gegeven van de verschillende maatregelen uit het onderhandelaarsresultaat vanuit de GOV|MHB gezien. De onderwerpen zoals die in het resultaat zijn opgenomen worden apart of in sommige gevallen in samenhang met andere onderwerpen behandeld.

     

    Looptijd van het akkoord en inkomenseffecten
    De inkomenseffecten zijn aanzienlijk verbeterd ten opzichte van het eindbod. Belangrijk is dat de geboden loonontwikkeling in 2017 voor iedereen een netto verbetering tot gevolg heeft, ten opzichte van de netto achteruitgang aan het begin van het jaar vanwege de gestegen pensioenpremie. Het is de verwachting dat dit voor de loonruimte in 2018 ook zal gelden. De definitieve premie zal komende maand door het ABP worden vastgesteld. Inclusief de loonontwikkeling uit dit resultaat heeft de defensiemedewerker in de jaren 2015 t/m 2018 meer dan 9% structurele loonsverhoging gekregen. Ook in vergelijking met andere sectoren (bijvoorbeeld Politie 1,25% en het Rijk 1,4%) steekt de loonsverhoging voor 2017 positief af. Voor 2018 is het nog afwachten hoe de ontwikkelingen bij andere sectoren en binnen de sector Defensie zullen lopen, maar doordat de looptijd van dit akkoord tot 1 oktober 2018 is, blijft er nog ruimte in 2018 beschikbaar om hier additionele afspraken over te maken. De hogere inkomens zijn door de gestegen pensioenpremie harder getroffen en zullen dus in verhouding de minste stijging van het netto inkomen ervaren. Daarom is het goed dat de incidentele uitkeringen in procenten worden gegeven in plaats van een vast netto/bruto bedrag.

     

    Het flexibel Personeelssysteem (FPS) en de in-, door- en uitstroom.
    Doordat de partijen overeen zijn gekomen dat het FPS wordt verlaten en dat er binnen drie jaar een ander personeelssysteem zal worden overeengekomen, zijn de maatregelen voor de in-, door- en uitstroom van een andere orde als bij het eindbod. Zo is er nu geen sprake meer van een ingewikkelde employabilityaanspraak die in fase 2 opbouwt, maar waar allerlei restricties aan zijn gekoppeld op het moment dat de militair de aanspraak voor een opleiding of in geld bij vertrek wil aanwenden. Daarvoor in de plaats is het huidige scholingsbudget nu ook voor het personeel in fase 3 van het FPS beschikbaar, gesteld tot 5 jaar voor het moment van leeftijdsontslag, en wordt dit verhoogd met 20 procent. Dit stelt de militair in staat om direct bij ingang van het akkoord, dus niet pas na meerdere jaren opbouw, een budget voor scholing beschikbaar te hebben. Dit budget mag vervolgens naar eigen inzicht worden ingezet ter ondersteuning van de talentontwikkeling van de militair.

     

    De maatregelen voor behoud van personeel zijn in de huidige tijd waarin de (irreguliere) uitstroom veel groter is dan de instroom hard nodig. Uiteraard is alleen het bieden van een behoudpremie onvoldoende om de problemen op te lossen. Maar, het zal in ieder geval een positieve bijdrage leveren en dat is hard nodig. Wel hadden wij graag een meer generiek karakter van de behoudpremie gezien. Dat kan in theorie nog steeds bij de jaarlijkse vaststelling van de groepen die hiervoor in aanmerking komen, maar de verwachting is dat dit niet het geval zal zijn. Het langer binden van fase 2 personeel zal zich direct terugbetalen in besparingen op het gebied van instroom en opleidingen.

    Het stimuleren van vrijwillig vertrek bij bepaalde groepen (in fase 3 van het FPS) zal, hoe tegenstrijdig in relatie tot het langer doorwerken, ook voor meer doorstroom in en naar fase 3 en dus langer behoud van fase 2 personeel zorgen. Het vast stellen van de groepen en de geboden maatregelen zal bepalen in hoeverre dit effect zal hebben op het behoud van personeel.

     

    Leeftijdsontslag en AOW-leeftijd
    Een belangrijk punt voor de GOV|MHB betrof de bepalingen in het eindbod omtrent de vlag- en opperofficieren (kapitein ter zee/ kolonel of hoger, dan wel kapitein-luitenant ter zee/ luitenant-kolonel academisch gevormd en werkzaam in het eigen vakgebied met instemming). Om te beginnen is er geen sprake meer van een gemiddelde waardoor de ene militair niet meer ten koste van de ander een afspraak voor een individueel te bepalen ontslagmoment van AOW minus 5 jaar hoeft te maken. Tevens is het recht om de inverdienaanspraak te gebruiken geen onderdeel van het individuele ontslagmoment tussen AOW en AOW minus 5 jaar meer, maar vormt dit een verkorting op het individueel te bepalen moment van leeftijdsontslag. Met andere woorden, op het moment dat de militair tot de genoemde groep bevorderd wordt zal het individueel te bepalen moment van leeftijdsontslag in samenspraak met de militair worden bepaald. Vervolgens heeft de militair het recht om dit moment van leeftijdsontslag te vervroegen met de opgebouwde inverdienaanspraak. Hierdoor kan de militair afhankelijk van de gemaakte afspraak eventueel eerder dan AOW minus 5 jaar met leeftijdsontslag.

    Overgangsregeling


    Voor de overgangsregeling naar de nieuwe diensteinderegeling is in dit resultaat gekozen voor een uitbreiding van de groep die een keuze heeft om terug te keren naar de oude diensteinderegeling (inclusief de daarbij behorende rechtspositie). Het aantal jaren die een overgangsregeling krijgen aangeboden (in dit geval een keuze) is ten opzichte van het eindbod uitgebreid. Graag had de GOV|MHB een grotere uitbreiding gezien dan in dit resultaat, maar de daarmee gepaard gaande kosten en derhalve noodzakelijke keuzes ten opzichte van de andere maatregelen hebben er uiteindelijk toe geleid dat het geboortejaar 1969, als laatste jaar van deze uitgebreide overgangsgroep is overeengekomen. Wat wel als positief wordt beoordeeld is het keuze-element in deze overgangsregeling. Dit zorgt er in ieder geval voor dat eenieder die de stappen die in de nieuwe diensteinderegeling gemaakt moeten worden te groot vindt, ervoor kan kiezen om datgene te behouden wat die persoon nu heeft. Behoud van de huidige rechten dus. Zo kan iedereen voor zichzelf bepalen, op basis van alle (financiële) voor- en nadelen, welke keus het beste op de persoonlijke situatie past.

     

    Voor diegene die ervoor kiezen terug te keren naar de oude diensteinderegeling en de oude rechtspositie te behouden is er wel de consequentie dat vanaf de leeftijd van 65 jaar de Uitkering Gewezen Militairen (UGM) stopt en er een AOW-gat is tot de voor die persoon geldende AOW-leeftijd. Natuurlijk is de huidige AOW-gat compensatie (nooit minder dan 90% van de UGM), ook onderdeel van de oude rechtspositie en dus van toepassing. In dit resultaat is echter niets opgenomen over (volledige compensatie van) het AOW-gat. De GOV|MHB zal blijven strijden voor een volledige compensatie. Deze zal echter, conform het ingenomen standpunt dat dit vanuit de politiek moeten worden vergoed, niet vanuit het arbeidsvoorwaardengeld komen. De eerste vraag die aan CDA-minister Bijleveld zal worden gesteld is, of zij invulling gaat geven aan de CDA/D66/CU wens om alsnog het AOW-gat volledig te dichten.

     

    Al met al leidt de nieuwe diensteinderegeling tot een toekomstbestendig stelsel dat de bijzondere positie van de militair waardeert. De tijd aan UGM die de militair kan opbouwen zal met de verruiming van het inverdienen aanzienlijk kunnen toenemen. Hierdoor zullen die militairen die gedurende hun militaire loopbaan operationeel zijn ingezet hun leeftijdsontslag aanzienlijk kunnen vervroegen ten opzichte van diegene die deze operationele inzet niet hebben gehad.

     

    Pensioen en loongebouw voor militairen
    Met de afspraken in dit resultaat is er enerzijds concreter invulling gegeven aan het deelakkoord dat de huidige eindloonregeling zal worden verlaten, en anderzijds is er de gelegenheid geboden om op een ordentelijke wijze tot overeenstemming te kunnen komen over de toekomstige specifieke pensioenregeling voor militairen. De uitgangspunten ten aanzien van dit specifieke pensioenstelsel zijn in dit resultaat omschreven, maar uiteindelijk zullen de definitieve wijzigingen opnieuw aan de leden moeten worden voorgelegd om uiteindelijk voor 1 oktober 2018 overeenstemming te bereiken.

    Hoe het nieuwe pensioenstelsel eruit komt te zien is in dit resultaat dus nog niet bekend. Wat wel duidelijk is, is dat voor iedereen die weinig tot geen individuele promotie (zoals een bevordering) verwachten, dit geldt dus ook UKW’ers, een vorm van middelloon beter uitpakt dan een eindloonstelsel. Dit komt doordat het jaarlijkse opbouwpercentage hoger ligt en het pensioengevend inkomen groter is. Voor gepensioneerden heeft een verandering van het stelsel geen enkel effect, omdat opgebouwde pensioenrechten blijven bestaan. Toch blijken vooral deze groepen zich zorgen te maken over een overgang naar een middelloon.

     

    De aanpassingen van het pensioenstelsel kunnen niet los gezien worden van noodzakelijke aanpassingen in het loongebouw. De balans tussen pensioenaanspraken en de premiedruk zal voor een deel gevonden moeten worden, door aanpassingen in het loongebouw die het toekomstige pensioenstelsel ondersteunen. Meer pensioenopbouw in de toekomst betekent nu meer premie betalen en andersom zal een lagere pensioenopbouw weliswaar tot minder pensioenpremie leiden, maar dat betreft in principe het werknemersdeel. Dit laatste zal in het geval van de officieren meer het geval zijn. De hogere inkomens zullen in de middelloon bij een normaal verloop van de loopbaan aanzienlijk minder pensioen opbouwen gedurende die loopbaan. Daarom zal er goed gekeken moeten worden naar de effecten en de mogelijkheden om in het loongebouw deze effecten te compenseren. Daarnaast zal het nieuwe loongebouw ook moeten aansluiten op het langer doorwerken en het vroegtijdig verlaten van de organisatie. Ook voor het loongebouw geldt, net als bij het pensioenstelsel, dat het uiteindelijke resultaat in de loop van 2018 aan de leden zal worden voorgelegd. Dus, ondanks dat nu nog niet duidelijk is hoe het er precies zal gaan uitzien, is het wanneer dit wel het geval is nog steeds aan de leden om daar mee in te stemmen.

     

    In het eindbod was de vrijval van het werkgeversdeel dat vrij kwam door de aftopping van de pensioenopbouw boven 100.000 euro opgenomen in de arbeidsvoorwaardelijke gelden die met het eindbod gemoeid waren. In dit resultaat is deze vrijval geen onderdeel van de beschikbare middelen meer. Wel zal op een andere wijze in het georganiseerde overleg overeenstemming moeten worden bereikt over de wijze waarop deze gelden aan de betreffende groep medewerkers terug worden gegeven. Hiervoor heeft de GOV|MHB samen met twee andere centrales een brief aan de voorzitter van de werkgroep Post-actieven gestuurd met het verzoek dit onderwerp tijdens de eerstvolgende vergadering te behandelen.

     

    Levensfasebewust personeelsbeleid
    Met de steeds verder oplopende ontslagleeftijd neemt ook het belang van een integraal beleid ten aanzien van het langer doorwerken als militair of (geüniformeerde) burger toe. Het afgelopen arbeidsvoorwaardenakkoorden is dit ook overeengekomen, maar tot op heden is hier nog geen invulling aan gegeven. Met deze nieuwe concretere afspraken moet dit wel het geval zijn. Op dit moment zijn er al diverse regelgevingen en aanwijzingen die ingaan op dit onderwerp. Maar dit alles moet in de context van de nieuwe diensteinderegeling en de toekomstige inzet van Defensie worden bezien, en daar waar nodig aangepast of samen gebracht.

     

    Extra beslaglegging
    Een belangrijke stap bij het vergoeden van het overwerk van militairen in de rang van luitenant-kolonel is dat overwerk in de toekomst volledig wordt vergoed. Nu is daar geen vergoeding op van toepassing, en ook in het verleden bij de tijdelijke maatregel was sprake van een 50 procent vergoeding. De vergoeding die nu is afgesproken is weliswaar in tijd en zal in Peoplesoft worden vastgelegd, maar zal dus (zolang er geen compensatie in tijd heeft plaats gevonden) behouden blijven.

     

    Huisvesting en voeding
    Voor de GOV|MHB is het duidelijk dat de regelgeving omtrent huisvesting en voeding moet worden aangepast aan de rechtelijke uitspraken en de hedendaagse praktijk. Wij streven naar een vergoeding voor voeding in plaats van een vrijstelling. Wat echter als een paal boven water staat is dat er op geen enkele wijze een voedingskaart mag komen. De overgang van huisvesting naar oordeel van de commandant op basis van beschikbaarheid, naar het recht op huisvesting op basis van vastgestelde criteria is een duidelijke verbetering van de rechtspositie. Daarbij zal ook gekeken moeten worden naar de beschikbaarheid van legering in de buurt van de plaats van tewerkstelling, omdat er nu nog te veel voorbeelden zijn waar militairen dagelijks over een grote afstand van de werkplek naar de legering moeten reizen. Hoe de uiteindelijke systematiek van declaratie van de forfaitaire bedragen per maaltijd zal worden ingericht, is onderdeel van de bedrijfsvoering. Maar, dat dit is op basis van daadwerkelijk gebruik (dus niet op basis van gebruik Paresto), is binnen de declaratiesystematiek niet vreemd. Het belangrijkste verschil met het eindbod is vooral dat er nu overeenstemming over de nieuwe regeling zal moeten worden bereikt in plaats van, dat er eenzijdig een regeling wordt opgedrongen. Dit biedt ons de mogelijkheid om te kijken naar de huidige bedrijfsvoering en tot goede nieuwe afspraken te komen. Ook de overgangsregeling is een belangrijk element bij het vaststellen van het nieuwe systeem.

     

    GOV|MHB
    Dit onderhandelaarsresultaat bevat zoals gezegd niet alleen maar positieve maatregelen, maar tracht een balans tussen ‘zoet en zuur’ te vinden. Het moet dan ook als een eerste stap worden gezien om de defensieorganisatie en haar personeel weer rust te bieden, perspectief te bieden en stappen vooruit te laten maken. De uitdaging was om de balans tussen jong en oud, actief en post-actief, fase 2 en 3, militair en burger, enz. te vinden, zodat er voor iedereen in voldoende mate positieve maatregelen in zitten. De GOV|MHB is van mening dat dit binnen de financiële mogelijkheden en de huidige omstandigheden het geval is, en dat dit de noodzakelijke eerste stap is die het personeel nodig heeft. Maar uiteindelijk is het aan u om te bepalen of dit voor u het geval is. Uw stem bepaalt uiteindelijk of dit resultaat een arbeidsvoorwaardenakkoord wordt.

  • Arbeidsongeschiktheidsverzekering AOV

    Defensie biedt de mogelijkheid om via verzekeraar Loyalis een Arbeidsongeschiktheidsverzekering (AOV), die voorheen bekend stond als IPAP (Invaliditeitspensioen Aanvullingsplan), af te sluiten. Het AOV wordt op verzoek standaard twee jaar voor het bereiken van de ontslagleeftijd (vanaf de ontslagbescherming) stopgezet door verzekeraar Loyalis. Er is dan geen sprake meer van een verzekerbaar belang. Vanwege het invoeren van de nieuwe diensteinderegeling per 1 januari 2017 ontstaat de situatie dat militairen waar het AOV reeds is stopgezet door het langer werken in de nieuwe diensteinderegeling buiten de periode van ontslagbescherming vallen. Er is dan geen dekking bij arbeidsongeschiktheid en ook geen ontslagbescherming. Op verzoek van de Centrales van Overheidspersoneel (centrales) heeft Defensie geïnformeerd bij Loyalis naar de mogelijkheden om stopzetting in het geval dat er wordt gekozen voor de nieuwe diensteinderegeling terug te draaien. Loyalis heeft Defensie laten weten dat deze mogelijkheid bestaat. Alle mensen waarvan de AOV reeds is opgezegd (vanwege het bereiken van de twee jaar voor het leeftijdsontslag) zullen een brief van Defensie ontvangen. In deze brief wordt de mogelijkheid geboden om (onder dezelfde voorwaarde als ten tijde van de opzegging) met terugwerkende kracht de verzekering te hervatten. Dit betekent dan wel dat ook de premie met terugwerkende kracht in rekening zal worden gebracht. De brief van Defensie met informatie over hoe de AOV opnieuw geactiveerd kan worden kunt u hier vinden.

  • Arbeidsvoorwaarden-onderhandelingen definitief mislukt!


    Minister biedt personeel geen enkel perspectief op een fatsoenlijk arbeidsvoorwaardenakkoord


    Gisteren, 26 januari 2017, is er een vergadering van het Sectoroverleg Defensie (SOD) gehouden. Tot grote teleurstelling van de Centrales van Overheidspersoneel (CVO’s) is in deze vergadering formeel bevestigd dat de arbeidsvoorwaardenonderhandelingen mislukt zijn. Hierdoor is al het overleg tussen Defensie en de CVO’s stil gelegd.


    Vorige week vrijdag 20 januari berichtten wij al dat in de vergadering van de Werkgroep Arbeidsvoorwaarden de CVO’s niet anders konden dan vaststellen dat de kloof tussen de wensen van de Centrales en Defensie onoverbrugbaar groot was.


    Terug onderhandelen en niet nakomen afspraken.
    De Centrales hebben teleurgesteld moeten vaststellen dat het overleg mislukt is. Dit na een lange periode waarin beide partijen de mogelijkheden om tot een resultaat te komen gezamenlijk hebben verkend, gevolgd door formele onderhandelingen om tot een definitief arbeidsvoorwaardenakkoord te komen. Gedurende dit proces werden wij meer dan eens onaangenaam verrast door het feit dat gezamenlijk gemaakte afspraken over het proces of de inhoud van de onderhandelingen vanuit de zijde van Defensie niet nagekomen of eenzijdig gewijzigd werden. Ook onderwerpen waarover tijdens de verkenningen overeenstemming bestond en zelfs gemaakte afspraken uit het eerste deelakkoord werden door Defensie meerdere malen opnieuw ter discussie gesteld. Hier was duidelijk sprake van terug onderhandelen op gemaakte afspraken door de minister.


    Onoverbrugbare kloof.
    In het SOD hebben de Centrales hun frustraties over deze gang van zaken geuit. De onoverbrugbare kloof werd voornamelijk duidelijk op een drietal grote onderwerpen, te weten de loonontwikkeling, het door ontwikkelen van het Flexibel Personeelssysteem in het algemeen en de afspraken omtrent een employabilityaanspraak in het bijzonder en de nieuwe diensteinderegeling met een flankerend overgangsbeleid. Tijdens de onderhandelingen hebben de Centrale op deze drie belangrijke onderwerpen aangegeven wat hun ondergrens op de individuele thema’s is. De mate waarin Defensie op deze onderwerpen aan de gerechtvaardigde wensen, maar minimaal aan de door de Centrales gestelde ondergrenzen tegemoet kon of wilde komen en de samenhang tussen deze onderwerpen was in belangrijke mate bepalend of er uitzicht was op een onderhandelaarsresultaat. Des te groter was onze verbazing toen Defensie aangaf op geen van deze onderwerpen zelfs maar in de buurt van deze ondergrenzen te kunnen komen. Een onoverbrugbare kloof! De door de Minister geboden loonontwikkeling was dusdanig klein dat dit voor een groot deel van het defensiepersoneel nog steeds zou resulteren in een lager netto inkomen ten opzichte van het salaris van 2016. Laat staan een verbetering van de koopkracht. De Minister was ook niet bereid te komen tot een overgangsbeleid voor de nieuwe diensteinderegeling die voorkomt dat personeel dat al meerdere malen met een volledige ophoging van de ontslagleeftijd is geconfronteerd, en die wat de Minister betreft verplicht over moeten naar die nieuwe regeling, opnieuw meerdere jaren langer door moeten gaan werken.


    En dat terwijl er tijdens het afronden van de verkenningen in september vorig jaar voor beide partijen een goede basis lag waarin nog maar een beperkt aantal bespreekpunten over waren en de Minister in het SOD op 27 oktober aangaf “perspectief te zien om te komen tot een evenwichtig totaalpakket”. Later werd dit door de Minister in een extra SOD op 6 december 2016 (nadat men op 10 november in de WG AV had aangegeven dat het perspectief er toch weer niet was) wederom aangegeven.


    Uit de reactie van de Minister in het SOD werd duidelijk dat de door ons geschetste problemen met betrekking tot de betrouwbaarheid van gemaakte afspraken als ook de ruimte en noodzaak om een fatsoenlijk arbeidsvoorwaardenpakket te bieden door de Minister werden gebagatelliseerd. De Minister gaf aan verder te willen praten om uiteindelijk tot elkaar te komen. Overigens zonder veel empathie te tonen voor de deplorabele toestand waarin defensie zich bevindt. De wens om verder te praten stond lijnrecht tegenover haar standpunt dat op de belangrijke onderwerpen geen enkele ruimte meer was om aan onze ondergrenzen, laat staan wensen, tegemoet te komen. En dit ondanks de flinke concessies die wij op de verschillende onderwerpen in de richting van de Minister in de afgelopen periode al hadden gedaan om te proberen tot een resultaat te komen.


    Volgens de CVO’s is er sprake van een enorme kloof. De Minister maakte zich daarop volstrekt belachelijk door te stellen dat zij een brug ziet waar zelfs zware vrachtwagens overheen kunnen rijden. De CVO’s konden niet anders dan vaststellen dat er niet eens geld is om materiaal aan te schaffen om een brug te bouwen.


    Onderhandelingen mislukt!
    De Minister laat met haar houding zien dat de waardering voor het defensiepersoneel zich bij haar vooral beperkt tot woorden, maar dat daden waaruit die waardering blijkt van haar niet te verwachten zijn. Zij lapt daarmee de gerechtvaardigde eisen van haar personeel aan haar spreekwoordelijke laars en neemt het defensiepersoneel duidelijk niet serieus.


    Uiteindelijk was er door deze opstelling van de Minister voor de CVO’s geen andere keuze dan vast te stellen dat de onderhandelingen zijn mislukt en te besluiten deze te beëindigen. Daarmee komt ook al het overige formele overleg stil te leggen. De CVO’s realiseren zich als geen ander dat het personeel ook getroffen wordt door het stilleggen van het overleg en dus ook van reorganisaties. Maar het zijn onze arbeidsvoorwaarden waar wij nu voor moeten vechten. Wij zullen prioriteiten moeten stellen en vragen uw begrip daarvoor.


    De CVO’s zullen zich nu gaan beraden op de te nemen vervolgstappen. Een belangrijk element daarbij is het informeren van onze leden over het hoe en waarom met betrekking tot de mislukte onderhandelingen. De CVO’s zullen op korte termijn het land ingaan om uit te leggen waarom wij tot deze stap hebben moeten overgaan, daar hebt u recht op.


    Voor de laatste stand van zaken hierover verzoeken wij u de website www.defensiepersoneelinactie.nl in de gaten te houden. Deze zal in de loop van de komende week gelanceerd worden.
    Tot slot hebben de CVO’s moeten vaststellen dat het Sociaal Beleidskader Defensie (SBK) op 1 januari 2017 formeel is beëindigd zonder dat (een groot deel van) de elementen daaruit zijn overgenomen in de staande rechtspositie. De Minister heeft er (nog) niet voor gekozen het SBK om die reden te verlengen. Defensiepersoneel dat daardoor direct benadeeld wordt kan contact opnemen met de CVO’s (via de vakbond waarbij betrokkene is aangesloten) waarna de betreffende centrale met Defensie in overleg zal treden om betrokkene in een situatie te brengen “als ware het SBK op dat moment voor betrokkene van toepassing geweest”.

  • Arbeidsvoorwaardenonderhandelingen eindelijk van start

    De onderhandelingen voor nieuwe arbeidsvoorwaarden voor Defensiepersoneel kunnen beginnen. De ministerraad heeft daarvoor vandaag groen licht gegeven. De centrales van overheidspersoneel zijn hierover ingelicht.

     

    Het huidige arbeidsvoorwaardenakkoord loopt 1 oktober af. Het streven is het huidige akkoord tijdig op te laten volgen door een nieuw akkoord.

     

    Met de start van de onderhandelingen over de nieuwe arbeidsvoorwaarden zal wat de centrales betreft gesproken worden over een breed pakket aan arbeidsvoorwaarden. Daartoe behoren in ieder geval een substantiële loonontwikkeling, maatregelen in het kader van werving en behoud. Uiteraard zal ook gesproken worden over een nieuw pensioenstelsel voor militairen en een daarmee samenhangend loongebouw.

  • Bonden starten petitie

    Namens het defensiepersoneel én hun thuisfront zijn de gezamenlijke vakbonden vandaag een petitie gestart. Via de petitie zetten we extra druk op de minister en de politiek. Die moet, naast de acties, leiden tot een goede cao én een “up to date” defensieorganisatie. We willen met de petitie zoveel mogelijk handtekeningen ophalen.


    Op wie richten we ons?
    We richten ons op een breed publiek. Defensiepersoneel verdient steun voor én een goede cao én investeringen in defensie. En bij investeringen bedoelen we óók investeringen in personeel. Om bijvoorbeeld teams weer op sterkte te krijgen, om te investeren in mensen zelf en in hun veiligheid,want die zijn de laatste jaren “het kind van de rekening” binnen de defensiebegroting.


    We hebben jouw steun nodig!
    Wat kun jij doen? Deel deze petitie met je collega’s, je thuisfront en je familie. Ook thuisfronters zijn betrokken bij onze acties en zullen hun stem laten horen. Vergeet ook je buren en je vrienden bij bijvoorbeeld de voetbalclub of de fanfare niet. En vraag ook de bakker en de slager om de hoek om hun loyaliteit naar jullie te tonen. Je kunt deze petitie verspreiden via facebook, via twitter, via een mail, gebruik alle kanalen die je hebt!


    Teken de petitie>>

  • Cafetariamodel Defensie van start gegaan

    Op 26 september jl. heeft de minister van Defensie een voorstel ingediend voor een Regeling cafetariamodel Defensie. Na overleg met de Centrales van Overheidspersoneel is de regeling geformaliseerd en heeft Defensie op 4 oktober haar personeel hierover geïnformeerd. Ondanks een uitgebreid informatiepakket zijn er nog veel vragen bij het personeel zoals: ‘Wat is een cafetariamodel?’ en ‘Hoe werkt het?’.


    Cafetariamodel?
    Een cafetariamodel of keuzemodel arbeidsvoorwaarden is een systeem waarbij werknemers hun arbeidsvoorwaardenpakket (deels) zelf kunnen samenstellen. In het cafetariamodel biedt de werkgever de werknemer een aantal uitruilmogelijkheden. Onderdeel van een cafetariamodel kan bijvoorbeeld zijn het kopen of verkopen van verlof. Ook kan het cafetariamodel de mogelijkheid bieden om belast loon te ruilen voor onbelaste beloningselementen, zoals vakbondscontributie of een fiets.

     

    Voorzichtige start Defensie
    Defensie maakt in 2016 een voorzichtige start met het bieden van keuzes via een cafetariaregeling. Er wordt een begin gemaakt met het ruilen van de bruto eindejaarsuitkering voor reiskosten. In de jaren daar op volgend is het de bedoeling meerdere bronnen zoals de vakantie-uitkering en salaris als doelen toe te voegen. Ook de doelen zullen worden uitgebreid. De werknemer kan op deze wijze keuzes maken in zijn arbeidsvoorwaardenpakket die beter aansluiten bij zijn persoonlijke wensen en omstandigheden. Via de Selfservice kan de medewerker dan verschillende opties invoeren en bekijken wat voor hem de beste keuze is.

     

    Defensie heeft haar personeel middels een e-mail van P&O een aanbod gedaan om via de Regeling cafetariamodel Defensie een (deel van) de eindejaarsuitkering in te leveren voor een hogere vergoeding van de reiskosten (dagelijks woon- werkverkeer). Indien de Defensiemedewerker hieraan wenst deel te nemen dient hij zijn keuze vóór 9 november 2016 bekend te hebben gesteld bij Defensie. Dit kan worden gedaan middels DIDO of via een Dfe-321 formulier.
    Om uitvoeringstechnische redenen die te maken hebben met de bijzondere aanstelling en beloning van de reservist kan het reservepersoneel in 2016 nog geen gebruik maken.

     

    Consequenties
    De verlaging van het bruto jaarloon heeft als voordeel dat er minder loonbelasting en premies sociale verzekeringen hoeven worden afgedragen. Het belastbare inkomen van de werknemer wordt door deelname aan de Regeling cafetariamodel immers lager. Dit heeft mogelijk ook invloed op de inkomensafhankelijke toeslagen zoals huurtoeslag, zorgtoeslag etc. Er kan daarnaast sprake zijn van een effect op de hoogte van een nog te verkrijgen hypothecaire lening.
    Deze eenmalige verlaging van het brutoloon van de werknemer heeft geen gevolgen voor de pensioengrondslag. De verlaging van het brutoloon heeft wel gevolgen voor de hoogte van het verzekerd inkomen voor de WW, ZW, WGA en de WIA. Wanneer bijvoorbeeld een werknemer een deel van zijn eindejaarsuitkering (en t.z.t. andere inkomstenbronnen) gebruikt en hij of zij wordt werkloos of arbeidsongeschikt, dan zal de uitkering lager uitvallen. Het dagloon, waarvan de uitkering wordt afgeleid, daalt namelijk. Wij raden, met name de groep defensiemedewerkers die weten dat hun resterende aanstelling een jaar of minder duurt, aan hier rekening mee te houden (bijvoorbeeld de FPS fase 2 militair die tegen het einde van zijn aanstelling aan loopt).

     

    GOV|MHB
    Reeds in mei 2008 deed de GOV|MHB een oproep aan Defensie om het cafetariamodel in te voeren, in het door Marc de Natris geschreven artikel ‘De persoonlijke CAO heeft de toekomst’. Nu meer dan 8 jaar later is het dan eindelijk zover. Jammer dat het zo lang heeft moeten duren, want het cafetariamodel kan een aanzienlijk fiscaal voordeel opleveren. Goed dat het dan eindelijk toch zover is en dat de mogelijkheden in de toekomst hopelijk uitgebreid zullen worden. De gevolgen voor het bruto jaarloon moet echter niet genegeerd worden omdat dit in diverse situaties gevolgen kan hebben. De keuze is dus aan u!

  • CAO-onderhandelingen vastgelopen

    Defensie laat haar medewerkers in de kou staan. Aan een langdurig en intensief onderhandelingstraject is gisteren tot woede van de Centrales van Overheidspersoneel een onbevredigend einde gekomen.

     

    De Centrales van Overheidspersoneel en de Minister van Defensie hebben de voorbije maanden langdurig en veelvuldig met elkaar onderhandeld om voor het defensiepersoneel te komen tot een definitief arbeidsvoorwaardenakkoord, in de volksmond ook wel CAO genoemd. Deze onderhandelingen volgden op een periode waarin beiden de mogelijkheden om tot een resultaat te komen gezamenlijk hebben verkend.

     

    Vorig jaar al werd duidelijk dat er sprake was van een moeizaam proces. In een ultieme poging om deze week helderheid te kunnen bieden en daarmee recente effecten op de loonstrook te pareren is met name vorige week intensief met elkaar gesproken. Gisteren, 19 januari 2017, werd echter duidelijk dat alle pogingen van de centrales ten spijt om op constructieve wijze tot een vergelijk te komen zijn mislukt. Simpel gesteld, het arbeidsvoorwaardenoverleg is vastgelopen.

     

    Tijdens onderhandelingen moet gezocht worden naar een evenwicht tussen de wensen van de Centrales van Overheidspersoneel en Defensie met het uiteindelijke doel een balans te vinden.
    In de vergadering van de werkgroep arbeidsvoorwaarden konden de centrales echter niet anders dan vaststellen dat de kloof tussen de verlangens van de Centrales van Overheidspersoneel en Defensie onoverbrugbaar groot was.

     

    In april 2015 is er een arbeidsvoorwaarden deelakkoord tot stand gekomen met daarin belangrijke thema's als het diensteindestelsel, de doorontwikkeling van het flexibel personeelsbeleid, de aanpassing van het pensioen- en bezoldigingsstelsel en niet te vergeten de loonontwikkeling. Deze thema's zouden tijdens de onderhandelingen nader ingevuld worden. Op meerdere aspecten bleek dit niet haalbaar.

     

    Volgende week, de exacte datum is nog niet bekend, zal er een vergadering van het Sectoroverleg Defensie (SOD) worden gehouden. Wij verwachten in het SOD geen verrassingen - het zou immers uiterst merkwaardig zijn dat Defensie gisteren nog aangaf dat zij op geen enkele wijze in de buurt kan komen van de in onze ogen gerechtvaardigde wensen en daar volgende week op terugkomt - zodat in deze vergadering formeel kan worden vastgesteld dat het overleg mislukt is.

     

    Na het SOD zullen wij u nader informeren.

  • Defensie geeft aan klaar te zijn voor onderhandelingen

    Afgelopen vrijdag heeft Defensie op intranet het defensiepersoneel geïnformeerd dat het klaar is om met de bonden te onderhandelen over een nieuwe pensioenregeling voor militairen. Dit nadat Staatssecretaris Barbara Visser op 5 april een uitnodiging voor een overleg van het Sectoroverleg Defensie (SOD) aan de Centrales van Overheidspersoneel (hierna Centrales) heeft verstuurd.


    Op 8 maart hebben de Centrales al hun teleurstelling geuit dat, ondanks de afspraken uit het AV akkoord 2017-2018, Defensie nog niet bereid was om met de Centrales om de tafel te gaan om te onderhandelen over een nieuw arbeidsvoorwaardenakkoord. Defensie gaf in deze vergadering te kennen niet te willen starten, omdat ze nog met een tijdrovende interne afstemming over het nieuwe pensioenstelsel bezig is, hebben de Centrales zich genoodzaakt gezien het formele overleg van de diverse werkgroepen op te schorten. Uiterlijk 17 april zou met Defensie verder gesproken worden over de arbeidsvoorwaardelijke onderhandelingen.


    De Staatssecretaris heeft nu dus met deze uitnodiging aangegeven met de onderhandelingen te willen beginnen. Defensie heeft in haar communicatie naar het personeel duidelijk gemaakt waarom zij een nieuw pensioenstelsel willen en wat ze met dit nieuwe stelsel willen bereiken. Of de GOV|MHB het hiermee eens is zal tijdens de inhoudelijke behandeling moeten blijken. Ook hebben wij samen met de andere Centrales aangegeven dat de onderhandelingen niet alleen over een nieuwe pensioenregeling gaan. In het bericht van Defensie lijkt het er helaas sterk op dat dit wel het geval is. Deze en andere vragen zullen wij tijdens het SOD van 10 april aan Defensie stellen, in de hoop een duidelijk antwoord te krijgen, en dan eindelijk met de onderhandelingen te kunnen beginnen. Wij houden u op de hoogte.

  • Defensie nog niet klaar voor nieuw overleg arbeidsvoorwaarden

    Zoals bekend zijn er in het AV akkoord 2017-2018 belangrijke afspraken gemaakt over het toekomstige specifieke pensioenstelsel voor militairen en de daarbij noodzakelijke aanpassingen aan het loongebouw. Dit nieuwe stelsel dient uiterlijk 1 oktober 2018 in een door de leden goedgekeurd arbeidsvoorwaarden akkoord overeen gekomen te zijn. In de vergadering van het Sectoroverleg Defensie (SOD) van 24 november 2017 heeft de GOV|MHB nogmaals het grote belang benadrukt om snel met het nieuw arbeidsvoorwaardentraject (inclusief het nieuwe pensioenstelsel) te starten.


    Begin dit jaar gaf Defensie aan nog een aantal weken nodig te hebben alvorens met de onderhandelingen over de arbeidsvoorwaarden te kunnen beginnen. Daarop werd afgesproken dat de eerste vergadering van de Werkgroep Arbeidsvoorwaarden op 15 februari as. zou worden gehouden. Afgelopen vrijdag 9 februari ontvingen wij tot onze grote teleurstelling een annulering van dit overleg. Een reden voor deze afzegging werd niet gegeven.


    De GOV|MHB betreurt het dat de eerste vergadering over de arbeidsvoorwaarden door de werkgever eenzijdig is gecanceld. Om voor 1 oktober 2018 tot een AV akkoord te komen begint de tijd te dringen. Wij zullen Defensie in het georganiseerd overleg zeker om een reden voor deze verdere vertraging vragen. Wel achten wij het van groot belang dat we een nieuw arbeidsvoorwaardentraject van start gaan met een goede uitgangspositie bij zowel Defensie als de bonden. De tijd begint echter wel te dringen.

  • Defensienota 2018: AOW-gat voor 100% gerepareerd

    Het is slechts een van de maatregelen uit de Defensienota 2018 maar voor veel defensiemedewerkers is het een hele belangrijke. Het AOW-gat wordt eindelijk voor 100% gerepareerd!
    Na een jarenlange (juridische) strijd die de GOV|MHB sinds 2013 namens haar leden heeft gevoerd is er dan eindelijk toegegeven aan de gerechtvaardigde eis van vele defensiemedewerkers die geconfronteerd zijn of worden met een AOW-gat. Minister Bijleveld heeft ingezien dat dit een van de maatregelen is die nodig is om het vertrouwen van het personeel in de leiding van Defensie te herstellen.


    Pas nadat de gang naar het College voor de Rechten van de Mens was ingezet, en deze in 2015 oordeelde dat de minister van Defensie de wet overtreedt door een verboden onderscheid naar leeftijd te maken bij het stoppen van de Uitkering Gewezen Militairen én de wachtgelduitkering op de leeftijd van 65 jaar, besloot Defensie een bruto compensatie voor deze groep beschikbaar te stellen. De GOV|MHB en de andere bonden aangesloten bij de ACOP en het AC vonden dit onvoldoende en besloten haar leden op te roepen bezwaar te maken tegen het stoppen van de uitkeringen. Na een jarenlange juridische strijd waarbij de minister gedwongen werd de compensatieregeling op te hogen oordeelde de Centrale Raad van Beroep dat de 90% compensatie voldoende was.


    Hier lieten wij het echter niet bij zitten. Omdat de juridische gang niet verder gevoerd kon worden besloten wij de pijlen te richten op de politiek. Deze had tenslotte de problematiek veroorzaakt door de AOW-leeftijd op te hogen en hier moest dan ook de oplossing worden gevonden. Na diverse moties van (oppositie)partijen is uiteindelijk eind 2017 de opdracht aan de minister van Defensie meegegeven om nogmaals de problematiek te bekijken. Zeker omdat inmiddels ook bij de politiek duidelijk was dat het oplossen van het AOW-gat bij Defensie een belangrijk onderdeel was voor het terugwinnen van het vertrouwen bij het defensiepersoneel.


    Op maandag 26 maart kwam in de Defensienota 2018 dan uiteindelijk het verlossende woord dat de compensatieregeling van het AOW-gat werd opgehoogd naar 100%. Voor het getroffen defensiepersoneel die zich de afgelopen jaren op allerlei wijze hard hebben gemaakt voor een oplossing en vaak in grote getallen bij behandelingen in de rechtbank en de Tweede Kamer aanwezig waren, ongetwijfeld een grote opluchting. Hoewel het natuurlijk jammer is dat het zo lang heeft moeten duren is het wel positief dat deze minister eindelijk de ernst van het probleem en de gevolgen daarvan heeft ingezien.


    De huidige compensatieregeling met een 90% garantie is door de toenmalige minister eenzijdig, dus zonder tussenkomst van de bonden, tot stand is gekomen. Daarom zal de GOV|MHB de minister verzoeken verzoeken om snel inzicht te geven over de wijze waarop de compensatieregeling is ingericht en door het ABP wordt uitgevoerd. Tevens zullen wij duidelijkheid vragen over de wijze en de termijn waarop de nu toegezegde volledige reparatie zal worden verstrekt. Zodra wij meer weten informeren wij u hierover.

  • Defensiepersoneel belegert ministerie

    Met een korte en opvallende actie hebben 100 collega’s op 15 september in een zonnig Den Haag aandacht gevraagd voor het vastgelopen cao-overleg bij Defensie en een voor haar taak berekende en toekomstbestendige krijgsmacht. Anderhalf uur lang werden alle in- en uitgangen van het departement geblokkeerd en om het kwartier loeiden sirenes. Ook werden flyers uitgedeeld en gesprekken gevoerd met het publiek.

     

    Met de ‘belegering’ van het ministerie wijzen de actievoerders minister en politiek er op dat er iets moet gebeuren aan de salarisachterstand. Ook moet er een einde komen aan de jarenlange verwaarlozing van de krijgsmacht.
    Voordat alle in- en uitgangen van het ministerie werden geblokkeerd, hebben de voorzitters van de gezamenlijke vakbonden de actievoerders, een goede mix van burgers en militairen, nogmaals uitgelegd waar het de bonden om te doen is.


    Het defensiepersoneel heeft sinds 2014 geen cao meer. Tot nu toe heeft deze minister als werkgever het defensiepersoneel in de steek gelaten. Maar het personeel is niet alleen erg ontevreden omdat het al 4 jaar geen cao heeft. Er zit ze veel méér dwars. De werkdruk is hoog, eenheden zijn fors onderbezet. De instroom blijft achter en de uitstroom is hoog. Het personeel vindt Defensie blijkbaar geen aantrekkelijk werkgever meer. De basisgereedheid is niet op orde. Er zijn grote tekorten aan voer- en vaartuigen, materieel en voorraden.


    Het vertrouwen van het personeel in de top is heel laag omdat er nog steeds geen cao is én omdat er een tekort aan alles is om het werk goed en veilig te (kunnen) doen. Met de actie geven de bonden een signaal af aan de minister en aan de politieke partijen die het nieuwe kabinet formeren (VVD, het CDA, D66 en Christen Unie). Er moet volgens de bonden minimaal 2,5 miljard euro bij. Blijkbaar komen die partijen niet verder dan 1 miljard extra voor Defensie
    Dat is veel te weinig. “De gevolgen hiervan zijn dat er weer keihard bezuinigd moet worden. En het defensiepersoneel betaalt de rekening”, aldus één van de voorzitters. De bonden verwachten van de formerende partijen dat die hun verkiezingsbeloften waar maken. In een wereld die steeds onveiliger wordt moét je investeren in veiligheid. In personeel én materieel. In veiligheid van/voor iedereen, want veiligheid is van ons allen. En het kabinet moet gewoon de afspraak nakomen om 2% van het BNP aan Defensie te (gaan) besteden.

     

    Komen er nog meer acties?
    Ja de acties worden langzaam opgevoerd, uiteraard binnen de wet. De veiligheid blijft gegarandeerd en de defensietaken blijven de prioriteit. Een aantal van onze collega’s is nu in Sint Maarten om humanitaire hulp te verlenen. De hulp op Sint Maarten gaat nu vóór de actie. Na onze succesvolle stiptheidsacties op de vliegvelden Eindhoven en Rotterdam van de KMar collega’s staat een stiptheidsactie op Schiphol óók nog steeds op ons lijstje. En als er niet op korte termijn een cao komt gaan we op 2 november een grote actie houden.


    De bonden danken alle actievoerders in Den Haag voor hun komst! Dank voor uw steun!

  • Eindbod arbeidsvoorwaarden onacceptabel

    Eerder deze week hebben wij aangegeven dat vandaag het eindbod van Defensie openbaar gemaakt zou worden. (Voor de tekst van het eindbod klikt u hier.). Als gezamenlijke defensiebonden hebben we toen aangegeven dat we een toelichting op dit eindbod zouden geven. Defensie heeft ons in de vergadering van het Sectoroverleg Defensie (SOD) op 18 april gevraagd om een oordeel over het eindbod mee te delen. Elke bond vormt dit oordeel volgens de eigen spelregels. De informatievoorziening daaraan voorafgaand doen we als bonden deels gezamenlijk.


    Op het einde van de SOD-vergadering van 27 maart heeft Defensie ons in een gesloten enveloppe een voorstel gepresenteerd. Zij hebben dat geframed als een verbeterd bod. De bonden hebben dit bestudeerd en in de SOD-vergadering van 18 april aangegeven dat zij het bod geen verbetering vonden. Steker nog, in onze ogen is er ‘overall’ sprake van een verslechtering.

    Eindbod werkgever voldoet niet aan ondergrenzen bonden

    Zoals bekend is het overleg in januari mislukt omdat Defensie niet tegemoet kon komen aan een drietal door ons geformuleerde ondergrenzen. Wij moeten erkennen dat Defensie in haar eindbod een beweging in de richting van een van onze ondergrenzen heeft gemaakt. Dat betreft het loonbod. Defensie heeft dit als een verdubbeling gepresenteerd. De bonden delen dit beeld niet, omdat Defensie om dit bod gestand te doen vroeg om in te stemmen met een versobering van bestaande arbeidsvoorwaarden. Bovendien was het niet meer dan een beweging, want de door ons aangegeven ondergrens, de netto inkomensachteruitgang op 1 januari jl wegnemen, wordt niet gehaald.
    Als bonden vonden wij dat er sprake moest zijn van koopkrachtverbetering. Zeker in een tijd waarin de inflatie alleen maar toeneemt, is dat een gerechtvaardigde eis.

    FPS en nieuwe diensteinderegeling

    Op de twee andere breekpunten, de doorontwikkeling van het FPS en de overgangsregeling bij invoering van de nieuwe diensteinderegeling, was er geen sprake van een serieuze beweging.
    Op het gebied van het overgangsbeleid is er sprake van een bescheiden verbetering. Daar waar tot de bijstelling van het bod sprake was van een overgangsbeleid dat voor iedereen ten minste meerdere jaren extra dienen inhield, is in het eindbod sprake van een verhoging met ten minste anderhalf jaar. Bovendien gaat het overgangsbeleid in rap tempo naar AOW min 5 (maximaal 5 jaargangen).

    Op het gebied van de doorontwikkeling van het FPS, is de minister nog uitgesprokener dan eerder. Er is geen sprake van een doorgroei van het budget en een aanzienlijke beperking van de vrije keuze. Daarmee komt de minister de afspraken in het eerste deelakkoord niet na. 

    Pensioenbod werkgever onacceptabel

    Voordat we het voorstel van de minister in ontvangst hadden genomen, kwam zij als donderslag bij heldere hemel met de mededeling: "over een pensioenregeling wordt in samenhang met het loongebouw besloten. Deze samenhang houdt in dat de aanpassingen van het pensioenstelsel en loongebouw tezamen budgettair neutraal zullen plaatsvinden. Dus dat deze tezamen niet leiden tot hogere uitgaven."
    Simpel gesteld, u betaalt de rekening van een aanpassing van, of de verandering van het loongebouw of van het pensioenstelsel.

    Na lezing van het voorstel werd ons bovendien duidelijk dat Defensie alle militairen en nog niet gepensioneerde ex-militairen per 1 januari 2018 overgebracht wil hebben van de eindloonregeling naar een (defensie specifieke) middelloonregeling en dat de rekening daarvoor aan deze groep zal worden gepresenteerd. Absurd. Het tijdpad is wat ons betreft ook irreëel om op een verantwoorde wijze zowel een pensioenstelsel als een loongebouw te herzien. Defensie was deze mening eerder ook toegedaan; in eerdere versies stond immers niet voor niets een tijdpad van meerdere jaren genoemd.


    Naast de al eerder omschreven breekpunten bevat het voorstel daarmee nog een extra en extreme verslechtering. Een nieuw breekpunt.

     

    Eindbod Defensie
    Defensie heeft ons een eindbod gedaan. Defensie heeft dit eenzijdig opgesteld. Naast de al genoemde breekpunten is er dus ook geen overeenstemming bereikt over andere onderdelen van het eindbod.

     

    We komen naar u toe

    De komende weken zullen de bonden op meerdere grote defensielocaties. Klik hier voor de lijst een toelichting verzorgen. Wij nodigen u van harte uit om daarbij aanwezig te zijn. Neem ook uw collega mee en voel u vooral vrij om de poster met locaties breed te verspreiden. 

  • Geen overeenstemming in SOD

     

    Op 18 april 2017 is het eerder geschorste SOD hervat, waarin de minister in een gesloten enveloppe een nieuw AVW voorstel aan de SCODef had aangeboden. De SCODef hebben in dit hervatte overleg hun reactie op dit nieuwe voorstel aan de minister gegeven.

    In een gezamenlijke verklaring hebben de SCODef laten weten dat dit voorstel onvoldoende tegemoet komt aan onze eerder aangegeven ondergrenzen, laat staan aan de gerechtvaardigde wensen van het defensiepersoneel.  Na een reactie van de minister trokken de SCOdef de conclusie dat het voorstel van de minister niet tot een onderhandelaarsresultaat zou gaan leiden.  De minister liet hierop weten geen aanpassingen aan dit voorstel meer te maken en dit om te zetten in een eindbod.  In overleg met de minister is daarop  afgesproken dat dit eindbod aanstaande vrijdag om 12.00 uur openbaar wordt gemaakt.

    Bent u benieuwd naar de inhoud van dit eindbod en onze toelichting hierop, houdt dan de websitewww.defensiepersoneelinactie.nl  en onze extra nieuwsbrief die aanstaande vrijdag verschijnt in de gaten.

     

  • Het arbeidsvoorwaardenakkoord is een feit

    Vandaag, 24 november 2017, heeft de GOV|MHB in het Sector Overleg Defensie (SOD) de minister van Defensie op de hoogte gesteld van het resultaat van de ledenraadpleging over het onderhandelaarsresultaat arbeidsvoorwaarden. Dit resultaat, dat op 12 oktober j.l., door Defensie en de Centrales van Overheidspersoneel (centrales) is bereikt heeft van meer dan 80% van de leden van de GOV|MHB instemming gekregen.

     

    Ook de andere centrales hebben aangegeven in te stemmen met het onderhandelaarsresultaat en daarmee is er formeel sprake van een arbeidsvoorwaardenakkoord. Ondanks het positieve resultaat en het feit dat daarmee een einde kwam aan een zeer moeizaam traject van onderhandelen, dat meer dan 3 jaar heeft geduurd, zijn er ook een aantal kritische opmerkingen in de richting van Defensie gedaan.

     

    • Er is een balans in het voorliggende resultaat: jong, oud militair of burger iedereen komt aan bod. Echter, één categorie: militairen met de leeftijd 35-47 jaar stemmen veelal tegen het resultaat. Zij zijn de generatie die worden geconfronteerd met de ophoging van de UKW-leeftijd en hebben veelal het hoogtepunt van hun operationele carrière achter de rug. Daarnaast maken zij zich zorgen over de invoering van het Defensie specifieke pensioenstelsel en de gevolgen hiervan voor hun pensioen. Mede omdat de afgelopen jaren de verstopping in de top de mogelijkheden tot bevordering drastisch heeft beperkt. Er zal voor deze groep speciale aandacht moeten komen om hen perspectief te bieden en zo te kunnen behouden voor Defensie.

     

    • De minister en staatsecretaris heeft de afgelopen dagen in de Tweede Kamer verschillende keren aangegeven dat het terugwinnen van het vertrouwen van het personeel en behoud en werving een speerpunt van beide bewindslieden zal zijn. Het terugwinnen van het vertrouwen van het personeel is essentieel voor de werving en het behoud van personeel. Eén van de eerste stappen die moet worden gezet in het terugwinnen van het vertrouwen is het dichten van het AOW-gat. De positieve effecten die dit kan hebben op het gebied van bevorderingsperspectief voor jongeren, omdat dit voor oudere collega’s een reden kan zijn om alsnog te besluiten gebruik te maken van de overgangsregeling, moeten niet worden onderschat. Daarnaast zal dit bijdragen tot minder verzuring onder militairen. En dit laatste is van groot belang voor de werving. Defensie kan miljoenen uitgegeven aan wervingsspotjes, uiteindelijk is de militair de belangrijkste werver voor Defensie.

     

    • Het is teleurstellend dat er nog steeds geen duidelijkheid is over de knelpunt categorieën. Deze categorieën moeten inzicht geven in waar Defensie mogelijkheden ziet om personeel vrijwillig te laten uitstromen, om op deze wijze weer perspectief aan jongeren te kunnen bieden. De CMHF hoopt dat, conform de afspraak, de centrales en het defensiepersoneel spoedig duidelijkheid krijgen over deze categorieën.

     

    • De Advies en Arbitrage Commissie heeft een advies afgegeven over het arbeidsvoorwaardelijke proces van de afgelopen jaren. Naar aanleiding van dit advies dienen Defensie en de centrales zo spoedig mogelijk het proces te evalueren zodat het proces kan worden verbeterd om uiteindelijk in gezamenlijkheid te komen tot een volgend resultaat.

     

    Toch overheerst vooral het positieve gevoel dat er na vele jaren eindelijk weer stappen in de goede richting worden gemaakt en dat dit akkoord zal bijdragen aan de noodzakelijke verbeteringen bij Defensie. Ook het feit dat alle centrales gezamenlijke tot een resultaat zijn gekomen, gezamenlijk het personeel daarover hebben geïnformeerd en uiteindelijk ook gezamenlijk tot instemming zijn gekomen, is een positief signaal naar het Defensiepersoneel. Wij hopen dat dit proces zich ook de komende jaren van overleg op deze wijze voortzet.

     

    En dan is nu van belang om de komende tijd alle inspanningen erop te richten om de uitwerkingen van dit akkoord tot stand te brengen, de achterstand in het overleg in te halen, reorganisaties weer op te pakken en vaart te maken bij de volgende ronde van onderhandelingen.

     

    De volledige tekst van het arbeidsvoorwaardenakkoord kunt u hier vinden.

  • Informatiebijeenkomsten AVW-resultaat 31 oktober – 3 november

    De gezamenlijke bonden gaan komende dinsdag, woensdag, donderdag en vrijdag in totaal 8 informatiebijeenkomsten houden. Update en vooraankondiging: er komt ook een bijeenkomst op Curaçao (Parera, met een verbinding naar Aruba via VTC) op 8 november (13.00 uur).

     

    De bijeenkomsten zijn een goede gelegenheid voor het krijgen van uitleg en het stellen van vragen over het onderhandelaarsresultaat dat de bonden en Defensie op 12 oktober hebben bereikt.

     

    Frederikkazerne Den Haag
    Dinsdag 31 oktober, 9.00 uur, Gebouw 147 Bovenbar

     

    Koningin Maximakazerne Badhoevedorp/Schiphol
    Dinsdag 31 oktober, 14.00 uur, KEK gebouw eetzaal

     

    Vliegbasis Volkel
    Woensdag 1 november, 9.00 uur, Basis briefingroom

     

    Luitenant-generaal Bestkazerne, Vredepeel
    Woensdag 1 november, 14.00 uur, Sporthal

     

    Nieuwe Haven Den Helder
    Donderdag 2 november, 9.00 uur, Gebouw Albatros, Admiraliteitszaal
    (ook voor MK Erfprins, KIM en MV De Kooy)

     

    Nieuwe Haven Den Helder
    Donderdag 2 november, 13.00 uur Gebouw Albatros, Admiraliteitszaal
    (ook voor MK Erfprins, KIM en MV De Kooy)

     

    Vliegbasis Leeuwarden
    Donderdag 2 november, 14.00 uur, MFR, bedrijfsrestaurant

     

    Johannes Postkazerne Havelte
    Vrijdag 3 november, 10.00 uur, Filmzaal (ook voor Johan Willem Frisokazerne Assen)

     

    De bijeenkomsten zijn toegankelijk voor belangstellenden van andere locaties. Ze zijn ook bedoeld voor burgers met een wachtgeldregeling en voor post-actieve militairen met UGM. Indien u geen defensiepas hebt, kunt u zich aanmelden via . Vermeld daarin uw naam en de bijeenkomst die u wilt bezoeken. Geen defensiepas en niet aanmelden betekent: geen toegang.

     

    De laatste updates en wijzigingen met betrekking tot dit overzicht vindt u op www.defensiepersoneelinactie.nl.

     

  • Keuzemoment en rekentool

    Tot grote teleurstelling van de GOV|MHB heeft Defensie vanaf het begin onterecht gecommuniceerd dat van het recht om te kiezen voor de oude diensteinderegeling uiterlijk tot 1 april 2018 gebruik kan worden gemaakt. Onterecht omdat dit een van de uit het akkoord voortvloeiende elementen is waar Defensie en de centrales tot overeenstemming moeten komen.

     

    Deze eenzijdige communicatie heeft bij veel mensen tot frustraties geleid. Enerzijds omdat dit uiterlijke keuzemoment al was ‘bepaald’ terwijl er nog veel onduidelijkheden waren over zaken die in het akkoord stonden. Anderzijds omdat de middelen die beschikbaar waren om de keuze te ondersteunen als onvoldoende werden ervaren. Veel mensen hebben het gevoel dat de rekentool onvoldoende gespecificeerd is op de individuele situatie en daar komt bij dat sommige militairen op aanvraag afwijkende berekeningen van het ABP hebben gekregen. Bij de bespreking van het keuzemoment in het reguliere overleg met Defensie hebben de centrales deze zaken aan de minister meegegeven. Ook Defensie zelf heeft gemerkt dat er veel onrust bij het personeel heerst over dit keuzemoment. Daarom zijn de partijen overeengekomen dat het tot nu toe gecommuniceerde moment van 1 april 2018 in ieder geval niet zal gelden. Defensie zal met een nieuw voorstel komen over de uiterste datum dat de keuze gemaakt moet worden. Van de kant van de centrales is het voorstel gedaan om de militairen die een keus hebben tot eind 2018 de tijd te geven gebruik te maken van het recht om te kiezen. Dan heeft Defensie voldoende tijd om mensen ook op individuele basis te informeren en is er tegen die tijd ook meer duidelijkheid over de nieuwe defensiespecifieke pensioenregeling voor militairen en de aanpassingen in het loongebouw die per 1 oktober 2018 overeengekomen moeten zijn. Zodra Defensie met de centrales een nieuwe datum is overeengekomen zal dit in een nota worden gecommuniceerd naar het personeel. Hierin zal ook uitleg worden gegeven over de wijze waarop het personeel zich verder kan laten informeren over de (individuele) gevolgen van de oude en de nieuwe diensteinderegeling.


    Voor de militairen die nu reeds gebruik maken van de tijdelijke regeling langer doorwerken geldt dat het langer doorwerken van toepassing is tot het moment dat er duidelijkheid is over de nieuwe diensteinderegeling. Ook voor deze mensen geldt dat zij tot het nog vast te stellen keuzemoment de gelegenheid moeten hebben om te bepalen of ze alsnog van de oude regeling gebruik willen maken of in de nieuwe diensteinderegeling willen blijven. Aangezien de regeling een voorwaardelijke looptijd van 2 jaar heeft (tenzij er duidelijkheid over de nDER zou komen), geldt voor eenieder die reeds gebruik maakt van het tijdelijk langer doorwerken dat dit tot het keuzemoment van kracht blijft. Voor diegene waarbij de komende tijd hun leeftijdsontslag in de oude regeling van toepassing is, maar die nog niet zeker zijn of zij in de nieuwe diensteinderegeling willen blijven, zal er een tijdelijke overbrugging tot het nog overeen te komen keuzemoment moeten worden geregeld. Dan kunnen ook zij tot de uiterlijke keuzedatum zich het recht behouden voor de oude regeling te kiezen. Defensie zal in de nota over het keuzemoment ook dit aspect benoemen en duidelijk aangeven hoe hiermee om te gaan.


    Een laatste aspect in relatie tot het recht om te kiezen betreft een grote groep die op basis van hun geboortejaar zouden mogen kiezen maar die geen deel uitmaken van de groep 39a AMAR omdat zij later als 31 december 2001 in dienst gekomen of teruggekeerd zijn. Een voorbeeld zijn de ‘herintreders’. Deze groep heeft al een afwijkende ontslagleeftijd in de huidige diensteinderegeling ten opzichte van de groep van 39a AMAR. Nu wordt op basis van dit akkoord ook de mogelijkheid onthouden om gebruik te maken van de oude regeling en dus met 60 jaar met leeftijdsontslag te gaan. Voor deze en eventueel andere groepen die onevenredig worden geraakt door de maatregelen van dit akkoord is bepaald dat zij op individuele basis middels een rekest een verzoek kunnen indienen welke in een soort bijzondere commissie (BCO) zal worden behandeld.

  • Ledenraadpleging eindbod minister van start

    Op 18 april hebben de Centrales van Overheidspersoneel (CVO’s) in het Sectoroverleg Defensie met de minister gesproken over het nieuwe voorstel dat zij enkele weken daarvoor ons had overhandigd. Ondanks een uitgebreide appreciatie, was er geen (significante) ruimte om het voorstel aan te passen en diende het derhalve als eindbod te worden gezien. Op de vraag van de minister wat de bonden met dit eindbod van plan waren te doen gaven de CVO’s aan het bod mee te nemen naar hun achterban om een definitief oordeel te vormen. Voor de GOV|MHB betekent dit dat de leden geraadpleegd zullen worden. Daarvoor zullen de bij de GOV|MHB aangesloten bonden de defensielocaties bezoeken en via de geëigende communicatiekanalen de leden om hun oordeel vragen. Want ondanks het feit dat de GOV|MHB een negatief oordeel over dit eindbod heeft bepaald u als lid of wij ermee instemmen of niet.


    Afgelopen maandag 8 mei is de aftrap van de ledenraadpleging geweest op de Johannes Postkazerne in Havelte. De dag erop werd hier een vervolg aan gegeven voor het defensiepersoneel werkzaam op de Vliegbasis Woensdrecht. Zeker in Woensdrecht was er een zeer grote opkomst. In beide locaties werd er met veel belangstelling geluisterd naar de toelichting op het eindbod door de onderhandelaar Niels van Woensel. Aansluitend was er ruim de gelegenheid om vragen te stellen en te discussiëren. Al met al een geslaagde start van het traject wat de komende weken duidelijk moet maken wat de leden van het eindbod vinden. Een groot aantal defensielocaties zullen dus nog volgen. Hieronder vindt u een overzicht van de nog geplande ledenraadplegingen:


    10 mei 12.00 Vliegbasis Gilze Rijen MFR 2 Oo-mess NOV

    15 mei 10.00 Breda Staf CLSK Officiersmess 17de etage Airpowertoren NOV

    15 mei 14.30 Breda KMA Vergaderzaal in gebouw “het Uiltje” NOV

    16 mei 10.00 KHK Utrecht V5 KVMO/NOV

    16 mei 16.00 KIM Den Helder KVMOGrote collegezaal

    17 mei 10.00 LKT kazerne ‘t Harde KEK-gebouw NOV

    17 mei 13.30 Willem III kazerne Apeldoorn gebouw 32, kamer 111

    22 mei 10.00 v Brederodekazerne Vught OTC Genie Gebouw J, Brabantzaal NOV

    22 mei 14.30 Vliegbasis Eindhoven Gebouw 468 NF-5/Kpl-mess/Oo-mess NOV

    23 mei 10.00 Van Ghent kazerne Rotterdam locatie volgt KVMO
    23 mei 15.00 PKC Den Haag Persruimte KVMO/NOV

    24 mei 10.00 Vliegbasis Volkel Gebouw 700 Basisbriefingroom NOV

    24 mei 15.00 DGLC De Peel Gebouw 170, de nieuwe sporthal NOV

     

    Eventuele aanvullende data of locaties volgen zo spoedig mogelijk. Wij roepen al onze leden op om een bijeenkomst bij te wonen en uw stem te laten horen.

     

    GOV|MHB leden kunnen hun stem via e-mail kenbaar maken bij de secretaris GOV|MHB

  • Ledenraadplegingen eerste deelresultaat

    De komende weken zal het bestuur van de CMHF-sector Defensie de leden raadplegen over hun appreciatie van het eerste deelresultaat.
    Dit zal geschieden op verschillende locaties in het land.

    Tijdens deze ledenraadplegingen zullen de onderhandelaarshet eerste deelresultaat toelichten en zullen zij de (vele) vragen beantwoorden die bij de leden leven.

    Kijk hier voor de locaties, data en (richt)tijden van deze ledenraadplegingen.

    Op de locatie zelf zult u, middels flyers, geinformeerd worden waar en hoe laat de bijeenkomst exact plaats vindt.


    De bijeenkomsten zijn ook toegankelijk voor militairen en burgermedewerkers die geen lid zijn van een van de verenigingen die zijn aangesloten bij de CMHF-sector Defensie..

  • Minister heeft nog geen volledig CAO mandaat!

    Op 10 april 2018 hebben de Samenwerkende Centrales van Overheidspersoneel (SCO) in de sector Defensie tijdens een vergadering van het Sectoroverleg Defensie (SOD) met de minister gesproken over de start van de arbeidsvoorwaardelijke onderhandelingen. De minister heeft in deze vergadering aangegeven wel over een nieuw pensioenstelsel te willen praten maar nog steeds geen mandaat te hebben om over een volwaardig pakket van arbeidsvoorwaarden te kunnen onderhandelen. Dit tot grote onvrede van de SCO.


    Op 8 maart hebben de SCO in een eerdere vergadering van het SOD al hun teleurstelling geuit dat Defensie, ondanks de afspraken uit het AV akkoord 2017-2018, nog niet bereid was om met de SCO om de tafel te gaan en te onderhandelen over een nieuw arbeidsvoorwaardenakkoord. Defensie gaf in deze vergadering te kennen niet te willen starten omdat ze nog met een tijdrovende interne afstemming over het nieuwe pensioenstelsel bezig was. Daarop hebben de SCO zich genoodzaakt gezien het formele overleg van de diverse werkgroepen op te schorten. Dit om de minister in de gelegenheid te stellen alles in het werk te stellen om zo snel mogelijk een mandaat te krijgen om wel tot een compleet arbeidsvoorwaardenresultaat te kunnen komen.


    Gisteren bleek dus tijdens de vergadering dat Defensie nog steeds niet het gevraagde mandaat heeft en dus niet in staat is om met ons de onderhandelingen te kunnen starten. Voor de SCO was er daardoor geen andere keuze dan de huidige situatie te handhaven. Daarmee geven de SCO de minister meer tijd om ervoor te zorgen dat er wel een volledige mandaat ligt om te kunnen onderhandelen over een volwaardig pakket van arbeidsvoorwaarden. Het overleg van de formele werkgroepen blijft daardoor opgeschort. De termijn van opschorting is door de SCO verlengd tot uiterlijk het geplande SOD van 22 mei. Natuurlijk hopen wij dat Defensie dit mandaat eerder gereed heeft zodat wij zo snel mogelijk met elkaar aan tafel kunnen. De SCO zijn immers wél gereed om direct te starten met onderhandelen over een compleet arbeidsvoorwaardenresultaat.


    De Defensienota 2018 stelt het defensiepersoneel centraal en wil investeren in de mensen, maar vooralsnog blijkt dit niet uit het uitblijven van het gevraagde mandaat. De SCO betreuren deze situatie ten zeerste, het was immers al geen sinecure om voor het zomerreces een arbeidsvoorwaardenresultaat te bereiken, maar elke dag die op deze wijze niet onderhandeld kan worden maakt dit nog lastiger! Wij houden u op de hoogte.

  • Minister van Defensie frustreert arbeidsvoorwaardenonderhandelingen

    Op 29 september 2016 is er, op verzoek van de samenwerkende centrales van overheidspersoneel, een vergadering van het Sector Overleg Defensie (SOD) gehouden over het proces van de arbeidsvoorwaardenonderhandelingen. De gezamenlijke Centrales van Overheidspersoneel in de sector Defensie (SCO-DEF) kunnen, na afronding van dit overleg, niet anders dan concluderen dat de Minister de arbeidsvoorwaardenonderhandelingen van de sector Defensie frustreert.


    Na totstandkoming van het eerste deelakkoord voor de sector Defensie op 16 april 2015, hebben er tussen Defensie en de SCO-DEF verkennende gesprekken plaatsgevonden aangaande de verschillende standpunten op het gebied van de arbeidsvoorwaarden. Op 30 augustus 2016 heeft dit geleid tot een gezamenlijk bericht waarin Defensie en de SCO-DEF bekend maakten dat er een goede basis was om de formele onderhandelingen te gaan starten om te komen tot een volledig arbeidsvoorwaardenresultaat. Over de voortgang van deze onderhandelingen zou uiterlijk 30 september 2016 duidelijkheid worden gegeven aan het personeel.


    De start was bemoedigend. Op 15 september 2016 werd de eerste formele vergadering van de werkgroep Arbeidsvoorwaarden, na het afronden van de verkenningen, gehouden. In deze vergadering is vooral gesproken over het onderhandelproces dat nodig zou zijn om voor 1 januari 2017 tot een volledig arbeidsvoorwaardenresultaat te komen. Tevens werden in die vergadering de data afgesproken waarop daadwerkelijk onderhandeld zou gaan worden, zodat voor eind september duidelijkheid aan het personeel gegeven zou kunnen worden.


    Vlak voor de eerste dag waarop inhoudelijk onderhandeld zou gaan worden werd deze vergadering door Defensie geannuleerd. Dit deed de werkgever eenzijdig zonder aankondiging vooraf. Ook iedere toelichting van Defensie op deze annulering ontbrak. Deze zware teleurstelling was voor de SCO-DEF reden om te verzoeken om zo spoedig mogelijk een vergadering van het SOD te beleggen.

     

    In deze vergadering werd door Defensie aangegeven dat er recentelijk ontwikkelingen zijn geweest die voor de werkgever van invloed zijn op de arbeidsvoorwaardenonderhandelingen binnen de sector Defensie. Dit betekende dat er, geheel tegen de verwachting van de SCO-DEF in, door de werkgever op korte termijn niet inhoudelijk onderhandeld zou gaan worden over de nadere invulling van het eerste deelakkoord en nieuwe arbeidsvoorwaarden voor het Defensiepersoneel. De SCO-DEF vinden het schandalig dat Defensie pas op het aller-, allerlaatste moment met deze mededeling is gekomen. Het realiseren van een volledig arbeidsvoorwaardenresultaat voor 1 januari 2017 is door deze opstelling van de Minister uiteraard niet meer haalbaar.

     

    De SCO-DEF konden na deze mededeling en door deze opstelling van de werkgever niet anders dan het volledige overleg met Defensie opschorten. De SCO-DEF hebben Defensie het dringende advies gegeven alle aandacht te richten op het oplossen van deze problematiek, in de hoop dat de inhoudelijke arbeidsvoorwaardenonderhandelingen alsnog zo snel als mogelijk kunnen worden hervat. Daarbij is door de SCO-DEF aangegeven dat de opstelling van de werkgever voor veel onrust binnen de organisatie zal gaan zorgen, die groter zal worden naarmate Defensie er langer over doet om de problemen op te lossen.

     

    Uiteraard zullen op het moment dat de arbeidsvoorwaardenonderhandelingen hervat worden de effecten van het later ingaan van een nieuw arbeidsvoorwaardenakkoord op mensen of groepen van mensen voor de SCO-DEF een hoge prioriteit krijgen. Elke dag uitstel is – ook om die reden- een dag teveel. Defensie dient zich maximaal in te zetten om haar interne problemen zo snel als mogelijk op te lossen en het inhoudelijke arbeidsvoorwaardenoverleg te hervatten.

  • Minister wil niet starten met onderhandelingen!

    De minister wil of kan geen mandaat afgeven aan haar onderhandelaar om te starten met onderhandelen. Dit was de reactie van de minister op de vraag van de bonden wanneer er nu eindelijk kan worden onderhandeld over de arbeidsvoorwaarden. In het laatste AVW-akkoord is namelijk afgesproken dat er uiterlijk 1 oktober 2018 een nieuw AVW-akkoord moet liggen.


    Donderdag 8 maart 2018 vond op verzoek van de bonden een vergadering van het sectoroverleg defensie (SOD) plaats. Hierin gaf de minister te kennen niet te willen starten omdat ze nog met een tijdrovende interne afstemming over het nieuwe pensioenstelsel voor militairen bezig is.


    Dat de samenwerkende centrales van overheidspersoneel bij de sector defensie (SCODef) grote moeite met deze reactie hebben zal geen verrassing zijn. Bij het bereiken van het arbeidsvoorwaardenresultaat 2017-2018 in oktober vorig jaar was tussen de minister en de SCODef afgesproken gelijk verder te gaan met onderhandelen. We waren het er op dat moment al over eens dat het een onmogelijke opgave zou worden om tijdig tot afspraken over een nieuwe pensioenregeling voor militairen en een daarbij passend loongebouw te komen als er niet direct verder onderhandeld zou worden.


    Maandenlang aandringen
    Ondanks maandenlang aandringen van de SCODef lukte het niet om de minister invulling aan die afspraak te laten geven. Een formele vergadering van de werkgroep arbeidsvoorwaarden (WGAV), die gepland stond voor 15 februari, werd eenzijdig en zonder opgaaf van redenen door de voorzitter geannuleerd. Dit tot groot ongenoegen van de SCODef omdat dit in het traject van de onderhandelingen van 2015-2017 ook een aantal malen gebeurde. En dat had uiteindelijk een langdurige impasse tot gevolg. Toen duidelijk werd dat ook de formele vergadering van de WGAV van 8 maart 2018 niet door zou gaan, was de maat voor de SCODef vol. Via een brief vroegen we de minister om een vergadering van het SOD te beleggen en uitleg te komen geven.


    Stilleggen werkgroepen
    De uitleg van de minister en haar antwoorden op de vragen van de SCODef waren uitermate teleurstellend. Vooral ook omdat de onderhandelingen niet alleen over een nieuwe pensioenregeling gaan. Reden voor de SCODef om per direct het formele overleg van de diverse werkgroepen van het SOD stil te leggen. Daarmee geven de SCODef de minister ruimte om alle capaciteit en energie te stoppen in het afronden van haar interne discussies. We hebben de minister opgeroepen haar onderhandelaar met spoed een mandaat te geven om te starten met de onderhandelingen. De SCODef hebben de minister laten weten voorlopig het overleg over reorganisaties en voorbereidingen voor het overleg nog wel door te laten gaan. 17 april 2018 staat een SOD gepland waarin in ieder geval met de minister verder gesproken wordt over de AVW-onderhandelingen.


    Verlies van vertrouwen
    De SCODef hopen natuurlijk dat de minister ook de urgentie voelt en dat zij al veel eerder dan 17 april een SOD bijeen roept en de onderhandelingen kunnen starten. De SCODef verliezen op deze manier natuurlijk wel het vertrouwen dat sociale partners tijdig invulling kunnen geven aan de afspraken die zij gemaakt hebben in het AVW-akkoord 2017-2018. Voor de SCODef is het in ieder geval niet acceptabel als de minister alle beschikbare tijd gebruikt om tot een werkgeversvoorstel te komen en dan verwacht met de SCODef snel even tot een resultaat te kunnen komen waar ook onze leden zich in kunnen vinden.

     

  • Nieuwe regeling huisvesting en voeding

    Op 8 december 2017 hebben Defensie en de Centrales van Overheidspersoneel (hierna centrales) overeenstemming bereikt over een nieuwe regeling huisvesting en voeding militairen. Hiermee werd invulling gegeven aan de afspraken en uitgangspunten die in het arbeidsvoorwaardenakkoord 2017-2018 zijn gemaakt. De regeling is per 1 januari 2018 van kracht.

     

    Op 24 november 2014 heeft de Centrale Raad van Beroep bepaald dat Defensie bij het toekennen van tegemoetkoming(en) voor huisvesting, voeding en reiskosten geen onderscheid mag maken tussen militairen die een eigen huishouding voeren en militairen bij wie dat niet het geval is. Naast dat het criterium eigen huishouding uit de regelgeving verwijderd moest worden had Defensie tevens aangegeven naar de gehele ‘regeling huisvesting en voeding militairen’ te willen kijken. Onduidelijkheden omtrent het wel of niet toewijzen van huisvesting, de eigen bijdrage bij verstrekking van voeding, enzovoorts. Pas in de werkgroep Algemene Financiële Rechtspositie van 10 mei 2016 bood Defensie een nieuw concept ‘regeling huisvesting en voeding Defensie’ aan.
    Nu ligt er dus eindelijk een nieuwe regeling die vanaf 1 januari 2018 van kracht zal zijn. Hieronder zullen de belangrijkste aspecten van de nieuwe regeling worden genoemd.
    Huisvesting

     

    Waar in de oude regeling verstrekking van huisvesting een gunst in geval van beschikbaarheid (zogenoemde ‘kan’ bepaling) betrof is huisvesting in de nieuwe regeling een recht onder voorwaarden. Indien de militair aan deze voorwaarden voldoet is Defensie verplicht hem/haar huisvesting te verstrekken. De voorwaarden die in de regeling zijn opgenomen zijn criteria die afgeleid zijn van de richtlijnen die voorheen aan commandanten zijn opgedragen bij de beoordeling of een medewerker wel of niet in aanmerking komt voor huisvesting. Het betreft het afstandscriterium van minimaal 70 km tussen de woonplaats en de plaats van tewerkstelling, en bij gebruik van het openbaar vervoer minimaal 1,5 uur (van deur tot deur). Indien een medewerker aan deze voorwaarden voldoet bestaat er een recht op huisvesting, ongeacht de beschikbaarheid van huisvesting op die locatie. Is er geen huisvesting op de betreffende locatie beschikbaar dan dient Defensie binnen een bepaalde afstand in huisvesting te voorzien. In de nieuwe regeling is tevens een duidelijke grens van maximaal 15 km tussen de werkplek en de huisvesting opgenomen.
    Voeding

     

    In de loop der jaren is in de regelgeving een constructie ontstaan waarbij voeding wordt verstrekt voor rekening van Defensie en waar de militair dan een eigen bijdrage voor verschuldigd is. In een aantal gevallen is vrijstelling van het betalen van de eigen bijdrage mogelijk. Het merendeel van de militairen kwam in aanmerking voor deze vrijstelling. In de praktijk is er, op een enkele locatie na, geen sprake meer van de eerdergenoemde constructie, maar betreft het een forfaitaire tegemoetkoming t.b.v. voeding die Defensie aan de militair betaald. Nu de regeling op een groot aantal punten wordt gewijzigd zou ook de bestaande praktijk van een tegemoetkoming in de voeding op een juiste manier in de regelgeving moeten worden opgenomen.

     

    Een maatregel die in eerdere voorstellen van Defensie was opgenomen betrof de invoering van een voedingskaart met daarop een tegoed per dag voor gebruik bij een eetgelegenheid op een Defensielocatie. Indien de militair op een dag voor een hoger bedrag de maaltijden heeft genuttigd zouden de meerkosten door de militair moeten worden betaald. De GOV|MHB heeft zich vanaf het begin hevig verzet tegen deze vorm van verstrekking van voedsel. Wij zijn van mening dat het personeel zelf zou mogen beslissen of ze wel of geen gebruik maken van Paresto. Ook zijn er nog diverse locaties waar geen of onvoldoende beschikking is van een bedrijfsrestaurant (van Paresto). Tevens zou dit het wegvallen van de forfaitaire vergoeding, en de flexibiliteit om dit naar eigen inzicht te besteden, betekenen.

     

    In de nieuwe regeling is er nog steeds sprake van een forfaitaire vergoeding, alleen wordt deze middels een aanvraag in DIDO achteraf gedeclareerd en niet zoals voorheen ingehouden op een van tevoren verstrekt voorschot. Zaken die in de oude regeling al werden meegenomen bij de bepaling of er recht bestond op de maaltijd, zoals verlof, ziekte, dienstreizen en oefeningen, blijven van toepassing. In de nieuwe regeling wordt echter ook rekening gehouden met het thuis werken bij de bepaling van de vergoeding voor voeding. Er is afgesproken dat er op zeer korte termijn een uitvoeringsbepaling overeengekomen gaat worden waarin de details over de wijze waarop de vergoeding voor voeding wordt verstrekt zijn opgenomen.

    GOVMHB

     

    De GOV|MHB is tevreden dat huisvesting in de nieuwe regeling een recht wordt en dat er ook een grens met betrekking tot de afstand van de huisvesting tot de werkplek wordt gesteld. De criteria die bepalen of wel of niet recht bestaat op huisvesting zijn nu duidelijk in de regelgeving opgenomen. Voor het openbaar vervoer is de grens weliswaar opgehoogd naar 1,5 uur maar dit betreft wel van deur tot deur en niet van halte tot halte waardoor excessen voor moeilijk beschikbare locaties of mensen die ver van een halte wonen worden voorkomen.

     

    Wat de voeding betreft is naar onze mening de systematiek van een declaratie achteraf beter omdat dit voorkomt dat bij oefeningen of lange afwezigheid het voorgeschoten bedrag geheel of grotendeels wordt ingevorderd. Het feit dat thuiswerken nu wel mee wordt genomen kan in sommige gevallen betekenen dat de vergoeding lager uitvalt. Voor de GOV|MHB was dit meer acceptabel als de invoering van een voedingskaart waardoor de volledige vergoeding zou vervallen en men verplicht wordt bij Paresto de maaltijd te genieten (met de eventuele meerkosten van dien).

    Tot slot is er voor het personeel dat nu gehuisvest is een overgangsregeling overeen gekomen. Dit om te voorkomen dat het personeel gedwongen wordt de huisvesting op te geven omdat zij niet voldoen aan de criteria voor huisvesting in de nieuwe regelgeving, en dus genoodzaakt zijn dagelijks te reizen tussen de werkplek en de woonplaats.

  • Open brief Centrales aan Minister van Defensie

    Vorige week vrijdag 26 januari 2017 heeft de Secretaris–generaal (SG) aan al het personeel van Defensie een mail verstuurd. Daarin werd de indruk gewekt dat de schuld van het opschorten van het formele overleg bij de bonden ligt, en daarmee dus indirect bij de werknemers van Defensie. De Samenwerkende Centrales van Overheidspersoneel Defensie (SCOD) zijn immers de vertegenwoordigers van het personeel. De SCOD zijn verbaasd en niet te spreken over de inhoud van het bericht.

     

    De Minister is persoonlijk verantwoordelijk voor het overleg en heeft de Hoofd Directeur Personeel als gemandateerde. De SG  heeft derhalve geen enkele rol in het traject van arbeidsvoorwaardenonderhandelingen.

     

    Vanuit het personeel van Defensie verkregen wij diverse reacties dat de mail niet positief werd ontvangen en

    dat zij teleurgesteld zijn dat Defensie de wensen van het personeel niet serieus neemt. Wat Defensie nu te bieden heeft zou nooit tot een resultaat leiden en dat was nu precies de reden voor de SCOD om het overleg met Defensie stop te zetten.

     

    In de bijgevoegde brief van de SCOD d.d. 30 januari 2017 spreken de centrales de Minister hierop aan. Ook maken we hierin duidelijk dat ze een onjuist beeld over het vastlopen van het arbeidsvoorwaardenoverleg heeft voorgespiegeld. De SCOD-brief stelt dat duidelijk was dat er een onoverbrugbare kloof zit tussen wat de Minister te bieden heeft en datgene wat de centrales minimaal nodig achten, waardoor langer doorpraten geen zin heeft. De brief van de SCOD is hieronder bijgevoegd.

     

    1700082_-_SOD_330425_Voorzitter_SOD-Opgeschorte_arbeidsvoorwaardenoverleg.pdf

  • Oproep MC- en kaderleden deelname bijeenkomst 12 oktober 2017

     

     

    Beste Collegae,

     

    Samen staan we sterker! Dat was de conclusie van onze bijeenkomst op 6 juli jongstleden, waarbij veel vertegenwoordigers van medezeggenschapscommissies aanwezig waren. In deze bijeenkomst hebben de samenwerkende vakbonden aangegeven dat, in het kader van informatieverstrekking, het wenselijk is vaker “de koppen bij elkaar te steken”.

     

    Het georganiseerde overleg – het reguliere overleg tussen de bonden en Defensie – ligt al enkelen maanden stil en het is de hoogste tijd om opnieuw een meeting met de leden van de medezeggenschap, aangevuld met onze kaderleden, te organiseren.

     

    Waar;
    Deze bijeenkomst zal plaatsvinden op 12 oktober van 12.00 uur tot uiterlijk 15.00 uur in het KEK gebouw ‘DE WITTENBERG’ (gebouw 540) op de GENERAAL-MAJOOR KOOTKAZERNE STROE. Van 12.00 tot 13.00 uur kunt u in het bedrijfsrestaurant op kosten van de bonden gebruik maken van een lunch.

     

    De bijeenkomst start om 13.00 uur en zal uiterlijk 15.00 uur afgelopen zijn.

     

    Tijdens de bijeenkomst op informeren de voorzitters van de bonden de aanwezigen over de laatste stand van zaken. Ook willen we gaarne jullie zienswijze vernemen over de verder te volgen koers en de actie van 2 november aanstaande in Den Haag bespreken.

     

    Kortom, reden genoeg om bij elkaar te komen. Wij zien u graag op 12 oktober,

     

    Voor deelname graag aanmelden op email adres:

     

    Voor de poster klik hier

  • Pensioenakkoord militaire eindloonregeling 2018

    Op 11 oktober zijn Defensie en de Centrales van Overheidspersoneel (CVO's) een aanpassing in de pensioenregeling voor militairen overeengekomen. De militaire eindloonregeling moet worden aangepast vanuit wettelijke eisen over de pensioenopbouw vanaf 1 januari 2018. Zonder aanpassing zou de regeling fiscaal onzuiver (niet in overeenstemming met de wettelijke eisen) worden, met als ultiem gevolg dat het totale opgebouwde pensioenvermogen in de progressieve belastingheffing valt. Tevens beogen partijen met de aanpassingen de complexiteit van de regeling te reduceren.

     

    De militaire eindloonregeling volgt vanaf 1 januari 2018 de aanpassingen in de burger middelloonregeling conform de ‘volgen-tenzij’ afspraak gemaakt over pensioenregelingen binnen de overheid. Aanpassingen in de middelloonregeling worden mutatis mutandis overgenomen in de eindloonregeling.

     

    Een in het oog springend onderdeel is wijziging van de pensioenrichtleeftijd naar 68 jaar. Dat betekent niet dat uw pensioenleeftijd naar 68 jaar gaat. Het betekent enkel dat de pensioenen die vanaf 1 januari 2018 worden opgebouwd, worden berekend op basis van een ouderdomspensioen ingaand op 68 jaar. Alle voorafgaand aan 2018 opgebouwde pensioenaanspraken met pensioenrichtleeftijd 65 en 67 jaar blijven onaangetast.

     

    Daarnaast worden twee wijzigingen doorgevoerd die typisch op de eindloonregeling betrekking hebben. Dat zijn de vormgeving van de backserviceberekening in 2018 en de indexatieberekening. Juist de backserviceberekening werd, met weer een andere pensioenrichtleeftijd van 68 jaar, het ABP te complex in de uitvoering . Daarom hebben sociale partners bij Defensie voor 2018 met behoud van het eindloonkarakter een alternatieve wijze van berekenen backservice middels een koopsom bedacht voor alle militairen die in 2018 een individuele promotie maken. Per saldo valt daarmee uw pensioenopbouw bij individuele promoties in 2018 op dezelfde wijze uit als nu in 2017.


    Ook is de afspraak gemaakt dat over de jaren 2016 en 2017 in de eindloonregeling blijvend de eindloonindexatie wordt toegepast. Per saldo heeft dat geen effect omdat de dekkingsgraad van ABP op een niveau ligt waarbij indexatie niet mogelijk is.

     

    Hier vindt u  van de afspraken zoals overeengekomen.

  • Sociale partners in de sector Defensie bereiken arbeidsvoorwaarden onderhandelaarsresultaat!

    Hierbij maken de Samenwerkende Centrales van Overheidspersoneel in de sector Defensie (SCO), waar alle binnen de sector Defensie actieve vakbonden bij zijn aangesloten, bekend dat op 12 oktober 2017 er (eindelijk) een onderhandelaarsresultaatis bereikt voor de sector Defensie.


    Laat er geen misverstand over bestaan, sedert 2013 was er geen arbeidsvoorwaardenakkoord afgesloten voor de sector Defensie. Over een nieuw arbeidsvoorwaardenakkoord werd inmiddels al jaren overlegd maar tot op heden kwam dat niet verder dan een door Defensie “aangeboden” eindbod.


    Na dit eerdere debacle van het door Defensie gedane eindbod en de daarop volgende processen hebben zowel Defensie als de SCO uiteindelijk vannacht een onderhandelaarsresultaat bereikt in het belang van het personeel en de organisatie. Naar de mening van de SCO is dit een resultaat waar respect en waardering uit blijkt voor het personeel. Het spreekt voor zich dat er ook in dit stuk de alom bekende zoetjes en zuurtjes zitten, maar alle eerder genoemde ondergrenzen zijn besproken en meegewogen in het nu voorliggende resultaat. Dit heeft gezorgd voor een kortere en beter leesbare tekst waarin niet alleen andere keuzes gemaakt zijn, maar waar ook duidelijk uit zou moeten worden dat het defensiepersoneel veel eerder “boter bij de vis” krijgt dan in het eerder genoemde eindbod van de werkgever. Niet alleen in de loonontwikkeling maar ook aangaande kansen en mogelijkheden.


    Voor de inhoud van het bereikte resultaat verwijzen wij u graag naar www.defensiepersoneelinactie.nl, op deze gezamenlijke website zullen wij u ook duidelijk maken op welke momenten en locaties wij u dit resultaat zullen komen uitleggen.
    Het spreekt voor zich dat deze ontwikkeling ervoor zorgt dat de lopende en geplande acties worden opgeschort in afwachting van komende ontwikkelingen.


    Leest u vooral het integrale arbeidsvoorwaarden onderhandelaarsresultaat en kom naar de (nog te plannen) bijeenkomsten in het land voor een nadere uitleg en/of het stellen van vragen.


    Wij hopen u daar te mogen ontmoeten.

     

    Het volledige onderhandelaarsresultaat kunt u hiervinden.

  • Tijdelijk langer doorwerken

    Op dringend verzoek van de Centrales van Overheidspersoneel heeft de minister van Defensie op 24 november jl. een voorstel ingediend om het tijdelijk langer doorwerken vanaf 1 januari 2017 mogelijk te maken. Na uitvoerig beraad hebben de Centrales aangegeven met het voorstel in te stemmen om hiermee eindelijk de noodzakelijke duidelijkheid voor de militairen uit de overgangsregeling (AMAR artikel 39a) te verkrijgen in afwachting van een nieuwe diensteinderegeling.


    In het eerste deelakkoord is overeengekomen dat per 1 januari 2017 een nieuwe diensteinderegeling (nDER) zou worden geëffectueerd. Het effectueren van de nDER per 1 januari 2017 is niet mogelijk.


    Het is wenselijk om de militairen die in de periode van 1 januari 2017 tot de inwerkingtreding van de nDER leeftijdsontslag militairen (LOM) wordt verleend toch de mogelijkheid te geven om langer te kunnen doorwerken. Deze keuzemogelijkheid voorziet in de behoefte van militairen die twijfelen of zij voor de huidige diensteinderegeling dan wel de nDER zullen kiezen. Op het moment dat de exacte condities bekend zijn, kan de militair aangeven of hij in de nDER wenst te blijven of gebruik maakt van zijn aanspraken op de huidige diensteinderegeling.


    In 2001 is ter stimulering van het langer doorwerken het vrijwillig nadienen geïntroduceerd. Het vrijwillig nadienen is afgelopen jaren als onderdeel van een aantal personeelsmaatregelen opgeschort tot 31 december van dit jaar. Per 01 januari 2017 komt de nota over vrijwillig nadienen uit 2001 te vervallen. Hiervoor in de plaats zal dus de mogelijkheid om tijdelijk langer door te werken zoals hierboven beschreven worden ingericht.

     

    De exacte voorwaarden die voor de overgangsperiode gelden zijn opgenomen in de bijgevoegde brief.

  • Uitkomst ledenraadpleging

    Officieren geven een ongekend hard signaal af, meer dan 90% zegt “Nee” tegen het eindbod van de minister.

     

    Onlangs heeft de minister, na het wederom vastlopen van het arbeidsvoorwaardenoverleg een eindbod eenzijdig gedicteerd en neergelegd bij de bonden. De GOV|MHB heeft dit eindbod op verzoek van de minister toch voorgelegd aan haar leden middels een ledenraadpleging. De GOV|MHB heeft op 24 locaties haar leden geïnformeerd over dit eindbod. Door de leden is vervolgens massaal gestemd.

     

    In dezelfde periode is zowel door Defensie, middels een oproep van de Minister, de SG en de CDS, maar ook vanuit de OPCO-commandanten aangedrongen om dit voorstel te accepteren. De boodschap was duidelijk geformuleerd: ‘take it or lose it’’.
    De HDP in persoon en alle Directeuren Personeel hebben verschillende defensielocaties bezocht om aan te geven dat men dit bod beter kan accepteren.

     

    Uit de goed bezochte bijeenkomsten en de vele ontvangen e-mails blijkt dat de boodschap van de defensietop en het ‘eindbod’ in het algemeen veel emoties bij onze leden heeft opgeroepen. Emoties die niet alleen een reactie zijn op het eindbod. Onze leden constateren dat na jaren “de tering naar de nering” te hebben gezet zij óók nu het economisch goed gaat in Nederland wederom met een netto salarisachteruitgang worden geconfronteerd. Dit terwijl zij de afgelopen 10 jaar al aanzienlijk achter zijn gebleven ten opzichte van de inflatie.

     

    Vandaag heeft de GOV|MHB de uitslag van onze ledenraadpleging in het Sector Overleg Defensie (SOD) bekend gemaakt. Wij, de Gezamenlijke Officieren Vereniging samen met de Onafhankelijke Defensiebond (ODB) nemen hier een tweeledig standpunt in.

     

    Een pijnlijke meerderheid van de officieren, ruim meer dan 90%, slaat het eindbod, ondanks alle oproepen vanuit de top van de organisatie, af. Na de eerder gehouden onderzoeken over het draagvlak in de organisatie ligt hier een harde constatering voor dat de leiding de aansluiting met zijn personeel is kwijtgeraakt. De Haagse werkelijkheid is mijlenver verwijderd van de beleving bij de militair en ook en met name bij de hogere officieren. Het is volgens de GOV|MHB ook een teken aan de wand dat de defensietop de sinds jaar en dag te grote uitstroom van militairen gewoonweg niet serieus neemt.

     

    Onze mening, die door meer dan 90% van het officierskorps wordt gedeeld is; "Dit bod is niet goed voor de medewerker, maar ook niet goed voor de organisatie" .
    Maar dit betekent ook; “Stand en Hold”

     

    De volgende vraag is, op welke wijze kijken wij naar de toekomst? Waar ligt de oplossing? Wij zijn niet van alleen maar “Nee”. Er zijn twee woorden die precies aangeven wat het personeel wil namelijk: perspectief en waardering.

     

    Waardering
    Het personeel heeft er echt genoeg van geprezen te worden voor hun inzet en vervolgens met onvoldoende en slecht materieel, salaris, en toelages op pad gestuurd te worden. Genoeg woorden, nu daden.

     

    Perspectief
    Na 10 jaar crisis moeten de lonen omhoog. Het overhevelen van personele gelden naar de materiele exploitatie is voorbij. Onze onderofficieren zitten op de grens van financiële armoede. Dit overigens samen met andere overheidsambtenaren, maar deze hebben de afgelopen jaren wel inflatiecorrectie gekregen en zullen gaan groeien omdat hun departementen wél ijveren voor salarisverhoging zoals bij Onderwijs, Zorg en de Provincies. Bij Defensie zijn de vooruitzichten helaas alleen maar minder, minder, minder.

     

    De doorstroom fase 2 naar fase 3 moet worden geopend, er moet weer perspectief komen. De vooruitzichten voor de looptijden in rang die op dit moment verdubbelen moeten aanzienlijk verbeteren via flankerende maatregelen. De Bijzondere Positie van de Militair dient ook voor de militair positieve elementen te bevatten, want zij gaan immers door waar anderen stoppen. En als laatste het telkenmale laten betalen van rekeningen door bepaalde groepen militairen en burgers ten gunste van anderen is contrair aan onze cultuur van trouw, loyaliteit en kameraadschap.

     

    De defensiecultuur is samen uit, samen thuis. Het dicteren van een eindbod en de communicatiecampagne van de Defensieleiding, staat hier haaks op en heeft tot gevolg dat het steeds moeilijker wordt om het vertrouwen tussen leiding en het defensiepersoneel te herstellen.

     

    Advies GOV|MHB
    De GOV|MHB adviseert de top van Defensie dan ook om een stap terug te zetten, het hoofd eens te buigen en de heldere boodschap van haar officieren serieus te nemen. Waardering en perspectief voor haar personeel in daden zichtbaar te maken , zodat er daarna weer stappen vooruit kunnen worden gezet.

     

    Het wordt tijd dat Defensie op arbeidsvoorwaardelijk gebied voor haar personeel ook een keer doorpakt daar waar anderen stoppen. Het loyale defensiepersoneel verdient dit en is het meer dan waard.

  • Vergoeding overwerk

    De afgelopen maand is er een hoop onrust ontstaan omtrent de vergoeding voor overwerk van defensiepersoneel in de rang van LKOL/KLTZ en schaal 11 en 12. De (tijdelijke) maatregel waarbij opgedragen overwerk vergoed wordt is per 1 maart 2016 verlopen. De GOV|MHB heeft aangegeven dit onderwerp op zeer korte termijn in het overleg met Defensie te willen bespreken.

     

    In het overleg van Defensie met de Centrales van overheidspersoneel is de volgende tijdelijke maatregel in het Arbeidsvoorwaardenakkoord 2007-2009 tot stand gekomen:

     

    9.4 Vergoeding overwerk 

    Partijen spreken af vanaf 1 oktober 2007 als tijdelijke maatregel voor de duur van hetcontract voor het defensiepersoneel dat is bezoldigd conform schaal 11 en 12 enrangsniveau LKOL/KLTZ voor het incidenteel opgedragen overwerk per uur eenoverwerkvergoeding ter grootte van 1/330 van het maandloon toe te kennen. In

    aanvulling daarop spreken partijen af na afloop van de contractduur deze tijdelijkemaatregel te evalueren.

     

    Daarna is deze tijdelijke maatregel verlengd in het Arbeidsvoorwaardenakkoord 2009-2010 en het Arbeidsvoorwaardenakkoord 2012.De laatste verlenging van deze tijdelijke maatregel is door Defensie met een brief aangeboden aan de werkgroep Algemene en Financiële Rechtstoestand (WG AFR). Doordat de mogelijkheid van een vergoeding van overwerk voor deze categorie is komen te vervallen zal in de toekomst overwerk in het rooster moeten worden gecompenseerd.

    Dit is een teleurstelling voor een flink aantal leden van de GOV|MHB. Men had graag een tijdige voorwaarschuwing gehad dat de maatregel niet verlengd zou kunnen worden. Iedere LKOL/KLTZ en burgerschaal 11 en 12 die in de periode 01-04-2015 tot 01-04-2016 overwerk heeft gedeclareerd, is door het Dienstencentrum Human Resources (DCHR) pas op 15-04-2016 geïnformeerd.

     

    GOV|MHB

    Allereerst is de GOV|MHB teleurgesteld dat Defensie de maatregel niet, zoals in de voorgaande jaren, opnieuw heeft verlengd. De GOV|MHB zou dan ook graag zien dat de maatregel in ieder geval tot 1 januari 2017 zal worden verlengd. Uiteindelijk zal in het overleg gesproken moeten worden over de structurele oplossing. De GOV|MHB is van mening dat er in de toekomst een volledige vergoeding van overwerk voor deze groep moet komen. Een compensatie in het werkrooster zoals eerder genoemd is niet altijd mogelijk , deze categorie werkt immers vaak structureel over, en leidt soms tot onwerkbare situaties.

  • Verlengen ANW-compensatie

    In december 2017 bent u geïnformeerd over het vervallen van de compensatie Algemene Nabestaanden Wet (ANW) in 2018. Aanvankelijk was het de bedoeling de ANW-compensatie per 1 februari a.s. af te schaffen. Defensie en de Centrales van Overheidspersoneel maakten echter met het arbeidsvoorwaardenakkoord een afspraak om dit probleem op te gaan lossen.

    Defensie en de Centrales hebben besloten de ANW-compensatie voor militairen, in navolging van de verlenging voor burgermedewerkers, te verlengen tot 1 mei 2018. Dit betekent dat alle deelnemers aan een pensioenregeling van het ABP tot 1 mei a.s. recht houden op ANW-compensatie.

    Tevens is afgesproken om met elkaar een oplossing te vinden voor de situatie na 1 mei 2018. Defensie en de centrales zullen u hierover zo snel mogelijk informeren, zodat u daar rekening mee kunt houden in uw situatie..

     

    Wat is ANW-compensatie?
    Als een medewerker overlijdt, heeft de partner mogelijk recht op een wettelijke uitkering van de overheid. Dat is geregeld via de Algemene nabestaandenwet (ANW). Krijgt de partner geen of maar een gedeeltelijke ANW-uitkering van de overheid? Dan vult het ABP het nabestaandenpensioen in sommige situaties aan. We noemen dat ANW-compensatie. Deze compensatie komt in 2018 in de sectoren die bij ABP zijn aangesloten te vervallen.

     

    Lees meer
    Anw-compensatie vervalt

  • Website defensiepersoneel in actie gaat online

    Eerder berichtten wij dat tot grote teleurstelling van de Samenwerkende Centrales van Overheidspersoneel Defensie (SCOD) in een vergadering van het Sectoroverleg Defensie (SOD) formeel is bevestigd dat de arbeidsvoorwaardenonderhandelingen mislukt zijn. Al het overleg tussen Defensie en de SCOD is daardoor stilgelegd.

     

    De SCOD hebben daarop aangegeven zich te zullen gaan beraden op te nemen vervolgstappen. Een belangrijk element daarbij is het informeren van onze leden over het hoe en waarom met betrekking tot de mislukte onderhandelingen. Een van de belangrijkste media om het personeel te informeren is via een gezamenlijke website www.defensiepersoneelinactie.nl Defensiepersoneel in actie is een initiatief van de SCOD bestaande uit de centrales AC, ACOP, CCOOP en CMHF.

     

    Vanaf vandaag is deze website online gegaan. De eerste artikelen zijn gepubliceerd en verdere informatie zal snel en regelmatig blijven volgen. De website zal ook steeds verder worden uitgebreid, afhankelijk van de behoeftes en de ontwikkelingen rondom het stilleggen van de onderhandelingen.

     

    Een gezamelijk twitteraccount en facebookpagina zullen snel volgen. Hierdoor hopen wij nog meer mensen op de hoogte kunnen stellen van de laatste stand van zaken. Zodra deze actief zijn wordt u via de website hierover geïnformeerd.

     

     

Verenigingen

logo KVMO DIAP

KVNRO

nov

Contact

Koninginnegracht 19
2514 AB Den Haag

070 - 383 95 04